Troonstraat 125 - 1050 Brussel Tel. 02 507 88 77 - E-mail:
[email protected] – www.gezinsbond.be/gezinspolitiek
Juni 2015
Rouwverlof Standpunt van de Gezinsbond
Rouwen doen mensen op verschillende manieren. We onderscheiden een intuïtieve en een instrumentele rouwstijl op twee uitersten van een continuüm waarop de meeste mensen zich bevinden. Mensen met een instrumentele rouwstijl rouwen door rationeel beslissingen te nemen en door activiteiten te ontplooien. Personen met een intuïtieve rouwstijl willen vooral praten en tijd nemen om hun verdriet en gevoelens een plaats te geven net na het overlijden van een dierbare. Op dit moment hebben personen die een inwonende partner of familielid verloren, recht op 3 dagen rouwverlof binnen het systeem van het klein verlet (dus betaald door de werkgever). Zowel voor personen met een instrumentele rouwstijl als voor diegenen met een intuïtieve rouwstijl zijn deze 3 dagen rouwverlof te weinig. Dit wordt steeds vaker erkend, ook politiek. In het verleden zijn er verschillende wetsvoorstellen geweest die tot doel hebben het rouwverlof uit te breiden van 3 dagen naar 10 dagen, ingeval van een overlijden van een inwonende partner of kind. Ze vonden bijval bij of zijn ingediend door vertegenwoordigers van bijna alle partijen. Bij het merendeel van de parlementsleden was er alvast een consensus gegroeid dat 3 dagen rouwverlof te weinig is om zelfs maar de praktische zaken te regelen na het overlijden van een inwonend familielid, laat staan dat er dan nog aan rouwverwerking kan gedaan worden. Het merendeel van de personen die met een dergelijk overlijden geconfronteerd wordt, is na 3 dagen nog niet in staat terug aan de slag te gaan en doet beroep op de ziekteverzekering tijdens deze periode. Naast wetsvoorstellen is er ook een wetsontwerp geweest in dezelfde zin. Andere politieke pistes die vertolkt worden inzake de uitbreiding van het rouwverlof is de opname van dit verlof in een algemene loopbaanrekening. Totnogtoe zonder concreet resultaat. De Gezinsbond neemt samen met de vzw Rondpunt en de vereniging Ouders van Verongelukte Kinderen een standpunt in met betrekking tot de uitbreiding van het omstandigheidsverlof na overlijden gekoppeld aan een vrij opneembaar omstandigheidskrediet.
Standpunt Rouwverlof - Gezinsbond - 1
Uitgangspunten Rouwen en werken zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Rouw kun je niet ‘uitzetten’ op de werkvloer, het verlies is er, blijft er en verdient unieke erkenning. Een dierbare verliezen is erg ingrijpend. Een vergelijking met andere situaties waarin mensen verlof nemen is niet aan de orde. Een begripvolle attitude van de werkgever en de collega’s maakt veel verschil. We merken dat waar wel aandacht, begrip en tijd is, het welzijn van de werknemer positief beïnvloed wordt en er minder ziekteverzuim is. Dat bevestigt ook onderzoek van ArboNed1. We komen daar later op terug. Rouwen is een recht en moet minder afhankelijk zijn van ‘de goodwill van een arts of een werkgever’. Op dit moment bedraagt het omstandigheidsverlof na overlijden van partner, kind, (stief)ouder of schoonouder 3 dagen en na overlijden van een inwonende (schoon)broer, (schoon)zus, (over)grootouder, (achter)kleinkind, schoonzoon of -dochter 2 dagen. Dat is voor veel nabestaanden zelfs te weinig om de praktische en administratieve zaken te regelen. In de huidige praktijk zijn ze voor extra dagen afhankelijk van het ziektebriefje van hun arts, en wordt rouw op die manier onterecht als ziekte aangemerkt, of van de welwillendheid van hun werkgever. Wij willen zo’n afhankelijkheidsrelatie voorkomen en pleiten voor een automatisch recht op meer dagen, flexibel opneembaar in tijd.
Beleidsalternatieven Op dit moment werken verschillende politieke partijen aan een herzieningsvoorstel voor de omstandigheidsverloven en thematische verloven. Een vergelijking van de voorstellen leert dat er grosso modo twee basisideeën leven. 1) Opname van verlof omwille van verlies van een dierbare in een algemene loopbaanrekening. Werknemers krijgen een kredietkorf waaruit ze gedurende hun hele loopbaan verlof kunnen opnemen. In deze korf zijn ook de andere thematische verloven opgenomen. Het nadeel van deze piste is dat rouw gelijkgesteld wordt aan een ander type verlof (ouderschapsverlof, sabbatjaar…). Nochtans is een publieke erkenning aangewezen. Een ander nadeel van de integratie in de loopbaanrekening is dat er geen zekerheid is of het verlof bovenop een vaststaand aantal verlofdagen voor de hele loopbaan komt, en of je dus geconfronteerd kan worden met het feit dat je geen rouwverlof meer kan opnemen omdat je bijvoorbeeld al teveel verlof hebt genomen voor andere zaken. 2) Een afzonderlijk ‘omstandigheidskrediet na overlijden’. Het voordeel van een afzonderlijk omstandigheidskrediet na overlijden is dat er sprake is van unieke erkenning, en een verworven recht. Door de mogelijkheid om het krediet op te nemen over een langere periode (3 jaar), wordt rekening gehouden met de individuele noden en wensen van de nabestaande. Er is met andere woorden, maatwerk mogelijk.
1
Onderzoek naar de effecten van rouwbegeleiding door bedrijfsmaatschappelijk werk. Arboned (Nederland), Joyce Neijenhuis, www.arboned.nl.
Standpunt Rouwverlof - Gezinsbond - 2
Financiering als knelpunt In de Nationale Arbeidsraad, raakten werkgevers en werknemers het niet eens over de financiering van de uitbreiding van het omstandigheidsverlof wegens overlijden van 3 naar 10 dagen. De NAR vindt dat het wetsontwerp dat Minister Milquet destijds indiende niet geschikt was met als motivatie (citaat) 'dat het spijtig genoeg niet toelaat tegemoet te komen aan de behoeften inzake organisatie van het werk en combinatie arbeid en gezin van de werkgevers en de werknemers. De Raad constateert verder dat de regering zich niet heeft uitgesproken over de budgettaire gevolgen van een dergelijke uitbreiding van het rouwverlof. Hij herinnert dienaangaande aan zijn adviezen nr. 1.440 van 19 maart 2003 en nr. 1.460 van 16 maart 2004 betreffende de verlenging van het rouwverlof; in die adviezen wordt de regering verzocht om, indien zij een dergelijke maatregel ten uitvoer wil leggen, te voorzien in een eigen financiering ervan in het kader van de algemene begroting, buiten de sociale zekerheid, die de volledige kosten dekt, zowel van de te betalen uitkeringen in de verzekering voor arbeidsongeschiktheid als van het verlies van te innen bijdragen voor die dagen rouwverlof.” Moeten de 10 dagen volledig betaald worden door de werkgever, volledig door de ziekteverzekering, of moet er gebruik gemaakt worden van een combinatie van beide systemen? Daarover ging de voorafgaandelijke discussie in de NAR met betrekking tot de financiering. De Gezinsbond onderscheidt volgende opties:2 •
Gedragen door de werkgever: verlenging klein verlet
•
Gedragen door werkgever en ziekteverzekering → 3 of 5 dagen klein verlet gefinancierd door de werkgever en 7 of 5 dagen gefinancierd door de verzekering voor geneeskundige verzorging; → 30 of 50 % van de effectief opgenomen dagen gefinancierd door de werkgever, 70 of 50 % gefinancierd door de verzekering voor geneeskundige verzorging.
•
Prefinanciering door de werkgever, tussenkomst uit algemene middelen → De werkgever betaalt het volledige loon gedurende maximum 10 dagen rouwverlof. Voor de extra opgenomen dagen (dag 4-10) kan de werkgever een tussenkomst vragen aan de overheid. Dit kan onder de vorm van een vast bedrag per dag of een % van het loon.
•
Verrekening van het rouwverlof met het gemotiveerd tijdskrediet → Versnelde behandeling, automatische goedkeuring
2
Wetsvoorstel (ingediend door mevrouw Nahima Lanjri, de heer Stefaan Vercamer en mevrouw Sonja Becq) tot uitbreiding van het rouwverlof bij het overlijden van een partner of een inwonend kind. Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers, 25 september 2014, DOC 54 0318/001.
Standpunt Rouwverlof - Gezinsbond - 3
Politiek vertaalt zich dat als volgt in de betreffende wetsvoorstellen:
Wie
Aantal dagen
Betalen
CD&V Echtgenoot Samenwonende partner inwonend kind
MR Echtgenoot Samenwonende partner Kind Kleinkind Ouders Schoonouders Broer of zus
CDH Echtgenoot, Samenwonende partner Kind Ouders Schoonouders
Ecolo/Groen Echtgenoot Partner Kind
10 dagen
10 dagen
10 dagen
10 dagen,
(5 dagen vrij te kiezen binnen het jaar na overlijden)
(5 te kiezen binnen 1 jaar na overlijden en 5 vlak na overlijden) 3 dagen door werkgever
(te kiezen eerste jaar na overlijden)
7 dagen door de verzekering voor geneeskundige verzorging
7 dagen door de verzekering voor geneeskundige verzorging
(waarvan 7 dagen op te nemen in de 6 maanden na overlijden) De Koning bepaalt het bedrag dat aan de werkgever wordt gestort als een werknemer gebruik maakt van de 7 extra dagen rouwverlof, na advies van de NAR.
10 dagen door werkgever
3 dagen door werkgever
sp.a Echtgenoot Kind Ouders Schoonouders Stiefouders Broers en zus Schoonbroers Grootouders Kleinkind, Schoonkinderen die inwonen 10 dagen (cat. 1) 5 dagen( cat. 2) (dagen op te nemen 1 jaar na overlijden)
De 7 of 2 bijkomende dagen worden ten laste van het RIZIV genomen: forfaitair bedrag max. uitkering vaderschapsverlof.
Schatting kosten ziekteverzekering huidige situatie Momenteel zijn er heel wat mensen die naast het bestaande rouwverlof van 3 dagen nog extra ziektedagen opnemen. De wetsvoorstellen en –ontwerpen die uitgaan van de uitbreiding van het rouwverlof stelden dat deze verlenging van het rouwverlof stellen dat dit een vermindering van de kosten voor de ziekteverzekering zou betekenen, omdat heel wat mensen momenteel gebruik maken van de ziekteverzekering om langer thuis te blijven tijdens hun rouwperiode. De CD&V heeft zich gebaseerd op informatie uit een Nederlandse enquête bij personen die geconfronteerd werden met overlijden van een inwonend familielid en op basis van een eigen enquête, met name over het aantal ziektedagen dat deze personen na een overlijden van een inwonend familielid opnamen. Uit dit onderzoek in Nederland blijkt dat de duur van de afwezigheid op het werk toeneemt indien de verwantschap zeer hecht is. In de gevallen waarin een werknemer een partner of een kind verliest, zal de afwezigheid in de helft van de gevallen meer dan een maand bedragen. CD&V heeft zelf ook een bevraging gedaan, waarbij de volgende groepen of organisaties werden aangeschreven: Con tempo, Werkgroep Verder (nabestaanden na zelfdoding), Weduwen en Weduwnaars, vzw OVOK (zelfhulpgroep ouders die kind verloren), Ouders van verongelukte kinderen en ten slotte het Beschermcomité Internationale Dag voor alle Weduwen, Weduwnaars en Wezen.
Standpunt Rouwverlof - Gezinsbond - 4
Er werden 408 formulieren teruggestuurd. Van de ondervraagden waren 71 % vrouwen, 25 % mannen en 4 % was het geslacht onbekend. Van deze ondervraagden waren er 50 % ouder dan 50 jaar, 20 % tussen 30 en 50 jaar, 2 % jonger dan 30 % en van 28 % was de leeftijd onbekend. Het familielid dat zij verloren is in 77 % van de gevallen hun partner, bij 8 % was het hun kind, bij 1 % hun kleinkind en bij 1 % hun ouder. In 13 % van de gevallen werd niet meegedeeld om welk familielid het ging. Op de vraag of de huidige drie dagen rouwverlof op emotioneel vlak voldoende zijn, antwoordde 80 % neen, 4 % ja en 16 % antwoordde niet. Op de vraag of deze 3 dagen voldoende zijn voor de administratieve plichtplegingen naar aanleiding van het overlijden, antwoordde 76 % neen, 5 % ja en 19 % antwoordde niet op deze vraag. Van de ondervraagden antwoordde 46 % dat ze geen extra ziekteverlof namen, 21 % antwoordde van wel en 3 % stelde dat ze een andere vorm van verlof namen. Op de vraag of ze ziekteverlof namen, antwoordde 30 % niet. Gemiddeld nam men 35 dagen ziekteverlof. De mediaan is 14 dagen. Bij het overlijden van een kind liggen deze waarden hoger, gemiddeld 46 dagen en een mediaan van 30 dagen. Samengevat: een kwart van de ondervraagden stelt dat zij bijkomend verlof namen (ziekte of andere). Maar wellicht is dit een onderschatting, zo stellen de indieners van het CD&V-voorstel. Ruim drievierde van de ondervraagden vond immers de huidige periode van 3 dagen rouwverlof zowel om emotionele als om administratieve redenen onvoldoende. Berekening: de factor 0.5 helemaal aan het einde van onderstaande berekening schat dat de helft van het effectieve budget bespaard kan worden door wegvallen van kosten van het ziekteverzuim. Berekening: uitkering vaderschapsverlof: max. 82 % van 86,35 euro; aantal sterfgevallen in 2002: van 0 jaar tot 25 jaar (kinderen); 3.053.139 (kinderen) x 0,0004948 (gemiddeld sterftecijfers voor deze leeftijdscategorie) = 1.510; aantal sterftegevallen in 2002: van 0 tot 10 jaar (kinderen); 1.202.699 (kinderen) x 0,0006189 (gemiddeld sterftecijfer voor deze leeftijdscategorie) = 744; aantal sterfgevallen in 2002: van 25 tot 60 jaar (partners); 2.503.699 (25-60 jaar) x gemiddelde sterftecijfer per groep = 12.675. Overlijden van een kind of kleinkind = 10 dagen rouwverlof Zelfde regeling als zijnde vaderschapsverlof = 7 extra dagen te betalen door de overheid. Maximum 6 personen (beide ouders + 4 grootouders) per overlijden die in aanmerking kunnen komen (effectief gemiddeld 2,5 rekening houdend met de activiteitsgraad in België zijnde 1,5 voor ouders (activiteitsgraad in leeftijdscategorie 20 tot 40 jaar is 75 %), 1 voor grootouders (activiteitsgraad in leeftijdscategorie is 25 %). Ouders: 70,80 euro * 7 (dagen) * 1,5 (personen) * 1.510 = 1.122.534 euro (max.) Grootouders: 70,80 euro * 7 (dagen) * 1 (persoon) * 744 = 368.726 euro (max.)
Standpunt Rouwverlof - Gezinsbond - 5
Overlijden van partner = 10 dagen rouwverlof Zelfde regeling als zijnde vaderschapsverlof = 7 extra dagen te betalen door de overheid. Maximum 1 persoon per overlijden die in aanmerking kan komen (effectief gemiddeld 0,6 rekeninghoudend met het aantal eenpersoons- of eenoudergezinnen in België zijnde 0,4). Rekening houdend met de activiteitsgraad in België van de leeftijdscategorie 25 tot 60 jaar zijnde 50 %, komt het effectief gemiddelde op 0,3. 70,80 euro * 7 (dagen) * 0,3 personen * 12.675 = 1.884.519 euro (max.) Totaal 3.375.779 euro Rekening houdend met verschuiving in de vorm van ziekteverzuim (factor 0,5) 1.687.889 euro per jaar (max.)
Standpunt van de Gezinsbond, samen met vzw Rond Punt en de vereniging Ouders van Verongelukte Kinderen De Gezinsbond pleit samen met Rond Punt vzw en de Vereniging Ouders van Verongelukte Kinderen voor voldoende tijd om te rouwen volgens een systeem waarop iedere werknemer die partner, eigen kind, kind van de partner of ander inwonend gezinslid (lid van het huishouden verliest, recht heeft op 7 dagen omstandigheidskrediet na overlijden, op te nemen in de eerste 3 jaren vanaf de dag van het overlijden, bovenop een omstandigheidsverlof van 3 dagen. Met gezinslid bedoelen wij iedereen die deel uitmaakt van het huishouden, dus ook stiefkinderen of pleegkinderen en inwonende familieleden. Op die manier komt ons standpunt tegemoet aan de andere dan klassieke gezinsvormen. Bij overlijden van (schoon)ouder, (stief)ouder, (schoon)broer en (schoon)zus, vragen wij een omstandigheidskrediet na overlijden van 2 dagen, op te nemen in de eerste 3 jaar vanaf de dag van overlijden bovenop een omstandigheidsverlof van 3 dagen. De dagen worden vergoed aan een forfaitair bedrag à rato van een dag tijdskrediet, hetgeen de financiële drempel voor de overheid minder groot maakt. Er is nog een belangrijk argument om de vergoeding en de verwerking van deze dagen rouwkrediet in handen te leggen van de Rijksdienst Voor Arbeidsvoorziening en niet van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering. Hiermee wordt namelijk het signaal gegeven dat rouwen geen ziekte is. Bovendien betekent het woord krediet dat het geen verplichting is om het verlof te nemen, maar wel een recht. ______________
Standpunt Rouwverlof - Gezinsbond - 6