Transities in het sociale domein Foto Stedendriehoek Achtergrondinformatie voor bespreking in de Bestuurlijke Carrousel Stedendriehoek 22 maart 2012
Judith Bos, Jorike Smeitink februari 2012
Inhoudsopgave
Inleiding
................................................................................................................... 1
1.
Transities in vogelvlucht ................................................................................................... 2 1.1 Transitie jeugdzorg ................................................................................................... 2 1.2 Transitie AWBZ ......................................................................................................... 2 1.3 Wet Werken naar Vermogen .................................................................................... 3 1.4 Passend onderwijs .................................................................................................... 3 1.5 Raakvlakken tussen transities .................................................................................. 3
2.
Raakvlakken op cliëntniveau ............................................................................................ 6 2.1 Kengetallen jeugdzorg .............................................................................................. 6 2.2 Kengetallen AWBZ .................................................................................................... 9 2.3 Kengetallen werken naar vermogen ....................................................................... 10 2.4 Cumulatieve effecten transities .............................................................................. 14 2.5 Verschuivingen in aanspraak .................................................................................. 14
3.
Raakvlakken bij de aanbieders ....................................................................................... 16
4.
Gemeente als regisseur.................................................................................................. 17 4.1 Lokale aanpak……………………………………………………………………………17 4.2 Regionale aanpak per transitie…………………………………………………………18
5.
Schaal van samenwerking ............................................................................................. 21
6.
Proces transities ............................................................................................................. 24
7.
Financiële raakvlakken ................................................................................................... 27
Bijlage 1. 2.
Cijfers Jeugdzorg .......................................................................................................... 28 Cijfers AWBZ ................................................................................................................ 32
Inleiding Dit document is opgesteld ter voorbereiding van de Bestuurlijke Carrousel Stedendriehoek op 22 maart 2012. Doel is het geven van overzicht: welke transities staan de gemeenten te wachten, wat betekent dat voor de gemeenten en wat gebeurt er al in de Stedendriehoek? We zien dat de transities elkaar op verschillende vlakken raken. Deze raakvlakken vormen de kapstok van dit document. Het gaat om de volgende raakvlakken: 1) 2) 3) 4) 5) 6)
Cliëntniveau Aanbieders Regie (gemeente) Schaal van samenwerking Proces Financiën
Ze worden in het document zoveel mogelijk beschreven en toegespitst op de regio. Echter, de ontwikkelingen gaan snel. Het document is daarom vooral te beschouwen als een foto van de huidige situatie (februari 2012). Bij het opstellen van deze foto is gebruik gemaakt van landelijke informatie, bij Spectrum CMO Gelderland beschikbaar cijfermateriaal op de verschillende transities en documenten uit de regio. Daar waar nodig wordt naar andere documenten verwezen. Het document is met veel zorg samengesteld, waarbij volledigheid van informatie is nagestreefd. Aanvullingen zijn echter altijd welkom en kunnen worden geadresseerd aan de opstellers van dit document. Leeswijzer In hoofdstuk 1 beschrijven we de transities in vogelvlucht en gaan we verder in op de raakvlakken die er tussen de transities zijn. In de achterliggende hoofdstukken wordt per raakvlak aangegeven wat de stand van zaken is in de regio Stedendriehoek.
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
1
1. Transities in vogelvlucht
In dit hoofdstuk staan kort de verschillende transities benoemd. Het gaat om de transitie jeugdzorg, transitie AWBZ en de Wet Werken naar Vermogen. Ook de invoering van Passend Onderwijs wordt kort benoemd. 1.1 Transitie jeugdzorg Gemeenten krijgen vanaf 2016 de bestuurlijke en financiële verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de gehele zorg voor jeugdigen en hun opvoeders. De provinciale jeugdzorg (vrijwillig en gedwongen via de huidige Wet op de jeugdzorg), de jeugdbescherming en jeugdreclassering, de jeugd-ggz (Zorgverzekeringswet), de gesloten jeugdzorg en de zorg voor licht verstandelijk gehandicapte jeugdigen worden allemaal overgeheveld naar de gemeenten. Hiermee verwacht het Rijk dat integrale ondersteuning en zorg dichtbij huis gemakkelijker en sneller tot stand komen. Dat moet ook leiden tot het terugdringen van de stijgende vraag naar gespecialiseerde zorg. In de periode 2013 - 2016 vindt de overheveling plaats. In grote lijnen komt het erop neer dat 2013 het overgangsjaar wordt voor de begeleiding vanuit de AWBZ. In de periode 2014 - 2016 volgen fasegewijs de ambulante hulp, de dag- en residentiële hulp, overige onderdelen van de provinciale jeugdzorg (kindertelefoon, diagnostiek, indicatiestelling, casemanagement, AMK), de jeugd-ggz, de jeugd-lvb en de gesloten jeugdzorg. Jeugdreclassering en jeugdbescherming zijn de laatste onderdelen die worden overgeheveld naar de gemeenten. In de transitiebrief stelselwijziging Zorg voor Jeugd (30 september 2011) en de beleidsbrief stelselwijziging jeugd ‘Geen kind buiten spel’ (8 november 2011) kondigt het kabinet aan te werken aan de nieuwe Wet Zorg voor Jeugd. Deze vervangt niet alleen de huidige Wet op de Jeugdzorg, maar ook de andere onderdelen van de jeugdzorg die nu nog onder de Zorgverzekeringswet (jeugd-ggz) en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (jeugd-lvb) vallen. Daarnaast maken ook de jeugdbescherming en jeugdreclassering deel uit van de nieuwe wet. Het wetsvoorstel wordt (volgens de huidige plannen) na de zomer van 2012 door het kabinet aan de Raad van State voorgelegd. Eind 2012 wordt het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer aangeboden. 1.2 Transitie AWBZ In 2009 is de pakketregel AWBZ van kracht geworden. De AWBZ is verdeeld in verschillende functies. Sinds 2009 bestaan de volgende vijf functies: persoonlijke verzorging, verpleging, begeleiding, behandeling en verblijf. De functie extramurale begeleiding wordt nu vanuit de AWBZ overgeheveld naar de Wmo. Taken als dagbesteding en extramurale begeleiding worden hiermee een verantwoordelijkheid van de gemeenten. Intramuraal is begeleiding opgenomen in de zorgzwaartepakketten (ZZP’s). Gemeenten worden per 1 januari 2013 verantwoordelijk voor mensen die voor het eerst of opnieuw een beroep doen op extramurale begeleiding. Vanaf 1 januari 2014 gaat de verantwoordelijkheid gelden voor alle mensen die een beroep doen op extramurale begeleiding.
2
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
1.3 Wet Werken naar Vermogen Mensen moeten in hun eigen onderhoud kunnen voorzien. Dat is het uitgangspunt van de Wet werken naar vermogen (Wwnv). Voor iedereen met een bijstands- of arbeidsongeschiktheidsuitkering gaat per 1 januari 2013 deze wet gelden. Deze nieuwe wet vervangt de Wet Werk en Bijstand (WWB), de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wajong) en Wet sociale werkvoorziening WSW). Voor jongeren die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn blijft de Wajong nog wel bestaan. Doel is om meer mensen te laten meedoen op de arbeidsmarkt in plaats van aan de zijlijn te laten staan. Door de Wet werken naar vermogen krijgen gemeenten alle verantwoordelijkheid voor de arbeidsparticipatie van mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. 1.4 Passend onderwijs Ouders moeten nu nog zelf een passende onderwijsplek zoeken voor hun kind. Het kabinet wil dit met de invoering van de Wet Passend Onderwijs veranderen. Het wetsvoorstel is (februari 2012) in behandeling bij de Tweede Kamer. In het nieuwe stelsel krijgen schoolbesturen een zorgplicht. De zorgplicht gaat volgens het wetsvoorstel vanaf augustus 2013 gelden. Dat wil zeggen dat scholen de verantwoordelijkheid krijgen om voor elk kind dat zich bij hen aanmeldt een zo goed mogelijke plek in het onderwijs te vinden. Als dat niet op de eigen school is, moet de school een passende onderwijsplek op een andere school zoeken. Hiervoor gaan de scholen samenwerken in geografisch afgebakende regio’s. Afspraken worden één keer per vier jaar vastgelegd in een ondersteuningsplan. Het ondersteuningsplan moet met betrokken gemeenten worden besproken in ‘een op afstemming gericht overleg’. 1.5 Raakvlakken De drie transities zijn op zichzelf majeure ontwikkelingen die gerichte en afgebakende aandacht verdienen, maar ze staan niet los van elkaar. Daar waar de drie transities elkaar raken moet bekeken worden of een overkoepelende aanpak loont, wat betreft inhoudelijke versterking, maar ook vanuit efficiencyoogpunt. Dat geldt voor een lokale benadering, maar uiteraard ook voor een regionale benadering: als de raakvlakken kansen bieden om gezamenlijk met gemeenten op te trekken, dan verdient dat nadere aandacht. De samenwerkingsniveaus op de transities in het sociale domein kort op een rij: • benadering per transitie, lokale invulling • samenhang transities, lokale invulling • benadering per transitie, regionale invulling • samenhang transities, regionale invulling De uitdaging van de regio Stedendriehoek is om gebruik te maken van de samenhang tussen transities en gemeenten op regionaal niveau als dat nodig is. Waar raken de transities elkaar? We onderscheiden de volgende raakvlakken, welke in dit document verdere uitwerking zullen krijgen: 1) Cliëntniveau Hoeveel mensen krijgen concreet te maken met de veranderingen in het sociale domein? (of ze er iets van moeten merken, is een tweede). En hoeveel mensen worden ‘dubbel getroffen’? Jeugdzorgcliënten zijn mogelijk bestaande Wajongers, licht verstandelijk gehandicapten met een PGB ‘begeleiding’ hebben mogelijk ook een jeugdzorgindicatie, een
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
3
WWB’er kan gebruik maken van ‘begeleiding’…en zo zijn er meer voorbeelden. De transities raken elkaar op cliëntniveau op het moment dat een cliënt een beroep doet op twee (of meer) transitiekolommen. Er zal voor sommige cliënten (maar ook op gezinsniveau) sprake zijn van een cumulatief effect als gevolg van de veranderingen. Verder zullen cliënten die hun huidige aanspraak verliezen, mogelijk aankloppen bij een ander (gemeentelijk) loket. Een licht verstandelijk gehandicapte jongere waar de begeleiding van wegvalt, gaat bijvoorbeeld een beroep doen op ambulante jeugdhulp. Als het gaat om de gevolgen van de drie transities, moeten we rekening houden met cliëntverschuivingen. Zij blijven niet ‘in hun transitiekolom’. 2) Aanbieders Dit raakvlak richt zich vooral op aanbieders van jeugdzorg en AWBZ-begeleiding. De transities raken elkaar ten eerste binnen de organisaties die binnen beide transitiekolommen actief zijn. Ingezoomd op de jeugdzorgtransitie zien we daarnaast bijvoorbeeld aanbieders van (nu nog) provinciaal gefinancierde jeugdzorg die ook jeugd-GGZ of jeugd-LVG bieden. Organisatie en inkoop van hun aanbod valt straks onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Deze beraad zich nog op met-wie-zij-waarvoor in zee gaat; de organisaties komen meer dan voorheen in een concurrerende positie ten opzichte van elkaar te staan. Los van dit gegeven ‘doen’ de transities deze aanbieders wat. Zij hebben jarenlang op een bepaalde manier in een behoefte voorzien, maar de vraag van de cliënt maar ook van de (nieuwe) financier verandert. Er moet met meer resultaat en met minder kosten gewerkt worden, vanuit een andere zorginhoudelijke benadering. Dat betekent een verandering van de bestaande cultuur van een organisatie. De toekomst vraagt om slimme (zorg)combinaties; dat kan een interne ombouw betekenen, maar ook samenwerking en verdergaande toenadering tot collega-organisaties. Iedere organisatie zal zich moeten herbezinnen op haar rol als opdrachtnemer. 3) Regie (gemeente) Na transitie is één regievoerder, de gemeente, verantwoordelijk voor de jeugdzorg, begeleiding (als onderdeel van de Wmo) en de nieuwe wet Werken naar Vermogen. Iedere gemeente bereidt zich voor op de afzonderlijke transities en ziet zich voor de uitdaging staan om afstemming en samenwerking te realiseren tussen de betrokken inhoudelijke beleidsvelden. De portefeuille van de wethouder Sociaal wordt vele malen groter, zo niet de grootste. Er wordt nagedacht over (her)inrichting van het ambtelijk en ondersteunend apparaat en van de ‘loketten’, waarbij aansluiting wordt gezocht met de nieuwe cultuur die de veranderingen met zich meebrengen: vanuit burgerkracht, dichtbij en cliëntgericht. De gemeente heeft, als we verder naar de transities overkoepelend kijken, de rol als opdrachtgever en moet zich gaan beraden hoe ze begeleiding en zorg gaat inkopen (contracteren, subsidiëren). 4) Schaal van samenwerking Wat is de meest optimale schaal van samenwerking? De vraag geldt voor iedere transitie afzonderlijk. Inhoudelijk wordt koers gezet om ondersteuning, begeleiding en zorg letterlijk dichtbij de burger te organiseren. Maar dat betekent niet dat gemeenten op grotere schaal kunnen samenwerken om het aanbod in te kopen. De schaal kan verschillen per vorm van ondersteuning, begeleiding en zorg. Binnen de jeugdzorg bijvoorbeeld, kan ervoor gekozen
4
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
worden om licht ambulante hulp op het niveau van de Stedendriehoek in te kopen en lokaal te ontsluiten, terwijl het voor gesloten jeugdzorg wellicht loont om bovenregionaal afspraken te maken, bijvoorbeeld op het niveau van de Veiligheidsregio Noord-Oost Gelderland. Veel bij de transities betrokken organisaties werken ook bovenlokaal, soms bovenregionaal. Er zijn naast de gemeenschappelijke regeling voor de Stedendriehoek veel bestaande schalen van samenwerking, zoals het werkgebied van het Zorgkantoor, de regio-indeling voor passend onderwijs en de Veiligheidsregio. Het is kansrijk om deze regio-indelingen mee te nemen in de vormgeving van samenwerking. 5) Proces transities De drie transities kennen hun eigen tijdspad. Ook de ontwikkeling naar passend onderwijs heeft een eigen tempo. Binnen de transities komen bepaalde gelijksoortige handelingen en activiteiten terug, zoals het vormgeven ambtelijk en ondersteunend apparaat, inrichten van loketten, bepalen van samenwerkingsschaal, afstemming met aanbieders en inkoop. Daar waar de processen integraal kunnen worden opgepakt, biedt dit efficiencykansen voor (samenwerkende) gemeenten. Het is de uitdaging om – zoveel mogelijk op voorhand – te anticiperen op deze kansen, waarbij gewaakt moet worden voor het te veel verbinden van de ontwikkelingen en de afzonderlijke transitieprocessen stagneren. 6) Financiën De gemeenten worden verantwoordelijk voor de organisatie en daarmee ook de financiering van de jeugdzorg, begeleiding en de uitvoering van de wet Werken naar Vermogen. Het gaat om een aanzienlijk budget, bijna 50% extra op het huidige gemeentefonds van circa 17 miljard (bron: Divosa). Het overgaan van de budgetten naar gemeenten gaat samen met een aantal taakstellingen: Belangrijkste taakstellingen gemeenten (n.a.v. bezuinigingen vanuit rijksoverheid) • Efficiencykorting totale jeugddomein van 80 miljoen euro in 2015 oplopend tot 300 miljoen in 2017 (jeugddomein incl. functie begeleiding vanuit AWBZ) • Efficiencykorting AWBZ van 140 miljoen vanaf 2014 (volgens regeerakkoord). In Bestuursakkoord is korting van 5% op macrobudget afgesproken. Korting komt bovenop bezuiniging 800 miljoen uit 2009. • Besparing 400 miljoen euro op ontschotte re-integratiebudget. Verder besparing 900 miljoen op Wajong en 65 miljoen op sociale werkvoorziening. Hierover tot nog toe geen overeenstemming bereikt. • Ook andere bezuinigingen die gemeenten raken; passend onderwijs (300 miljoen), invoering hogere eigen bijdrage zorgverzekeringswet en AWB, korting van 400 miljoen op re-integratie door UWV. Het spreekt voor zich dat dit allemaal kan leiden tot cumulatie bij burgers. (Bron: KING, 2012)
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
5
2. Raakvlakken op cliëntniveau
Dit hoofdstuk gaat op cliëntniveau over de drie transities. De beschikbare cijfers voor Jeugdzorg, AWBZ-begeleiding en de nieuwe Wet Werken naar Vermogen worden op een rijtje gezet. Verder beschrijven we in algemene zin welke stapelingseffecten op kunnen treden en kijken we naar de verschuiving in aanspraak van cliënten. 2.1 Kengetallen jeugdzorg Het portefeuillehouderoverleg Jeugd Stedendriehoek heeft opdracht gegeven aan het regionaal ambtelijk overleg om een Plan van Aanpak Transitie Jeugdzorg op te stellen, voor de voorbereiding van de transitie. Een van de onderdelen van deze voorbereiding is het verzamelen van cijfers en informatie over het gebruik van jeugdzorg en de analyse van de gegevens. Spectrum voert deze opdracht uit. De opdracht loopt voor de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Epe, Heerde, Lochem, Voorst en Zutphen (en dus niet Deventer). Om een beeld te krijgen hoeveel jongeren gebruik maken van de jeugdzorg, vraagt Spectrum de organisaties uit de onderstaande sectoren om voor de regio de nodige cijfers aan te leveren: • Bureau jeugdzorg (toeleiding, Jeugdbescherming, Jeugdreclassering, AMK) • Provinciale Jeugdzorg • JeugdzorgPlus • Jeugd GGZ (geestelijke gezondheidszorg) • Jeugd LVG (licht verstandelijk gehandicaptenzorg) De gewenste gegevens kunnen niet allemaal op korte termijn (voor de eerste bespreking van het Plan van Aanpak Transitie Jeugdzorg) geleverd en geanalyseerd worden. Daarom is er een tussenstap gemaakt. Op weg naar het totaal aan verzamelde gegevens, presenteren 1 we de jeugdzorgcijfers volgens het model van Van Yperen & Van Woudenberg. Het gaat hier om kengetallen (zie ook de bijlage) die vertaald kunnen worden naar jeugdzorgcijfers voor de regio en individuele gemeenten. Op basis van de gegevens van 2009 maken we een schatting van het zorggebruik omgerekend naar het aantal eigen jeugdigen per regio/ gemeente. Ten behoeve van de Bestuurlijke Carrousel Stedendriehoek volgt hierna een verkorte versie van de jeugdzorgcijfers volgens het model van Van Yperen en Van Woudenberg. Hiervoor is gemeente Deventer extra opgenomen en wordt gemeente Heerde buiten beschouwing gelaten. Op 1 januari 2009 kende de regio in totaal 88.656 jeugdigen van 0 t/m 17 jaar. Dit aantal is het uitgangspunt waarmee de kengetallen jeugdzorg doorgerekend zijn.
1
Yperen, T. v., & Woudenberg, A. v. (2011). Werk in uitvoering: Bouwen aan het nieuwe jeugdstelsel. Utrecht: Nederlands Jeugd instituut (NJi).
6
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
Aantal cliënten jeugdzorg naar deelsector 2009, regio Stedendriehoek (Bron: NJi, T. van Yperen en A. van Woudenberg)
4.000
6.454
3.500 3.000 2.500 2.000 1.500 1.000
BJZ
AMK
Jeugd en opvoedhulp
JZ+
Jeugd-ggz ZvW
Jeugd-ggz + lvg PGB
Jeugd-lvg AWBZ OBC's
Ggz 1e lijn zelfst. Gevestigd
Gemengd
Residentieel
Deeltijd
Ambulante zorg
Jeugdzorg Plus
Crisiszorg
Verblijf 24-uurs
Verblijf pleegzorg
Verblijf deeltijd
Ambulante jeugdhulp
Consulten
Adviezen
Jeugdreclassering
Jeugdbescherming
Acceptaties
Aanmeldingen
0
Onderzoeken
500
Jeugd- LVG PBG ggz
Notabene: ambulante zorg binnen de Jeugd-GGZ loopt buiten de schaal. Het betreft hiervoor 6.454 cliënten. In tabel 2 in de bijlage cijfers jeugdzorg zijn de precieze aantallen cliënten opgenomen. De aanmeldingen en acceptaties bij Bureau Jeugdzorg beschrijven de toegang tot de jeugdzorg. De aanmeldingen die Bureau Jeugdzorg ontvangt, leiden niet altijd tot een acceptatie en een indicatiebesluit. Omdat het vervolg nog niet duidelijk is, of omdat inschakeling van een andere voorziening nodig is. Bureau Jeugdzorg verzorgt de toegang tot jeugdzorg binnen de Wet op de jeugdzorg. Daarnaast indiceert Bureau Jeugdzorg deels voor toegang tot zorg in het kader van de AWBZ en de Zorgverzekeringswet. Bij de kengetallen jeugdzorg is de toegang tot jeugdzorg vanuit de AWBZ en/of Zorgverzekeringswet, die via huisartsen of het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) loopt, niet opgenomen. Ook de jeugdzorg die op last van de rechter wordt opgelegd (jeugdbescherming, jeugdreclassering en justitiële jeugdinrichtingen) is niet opgenomen, net als de indicering voor gespecialiseerde onderwijsvoorzieningen die via onderwijscommissies lopen. De genoemde jeugd- en opvoedhulp betreft de provinciaal gefinancierde jeugdzorg. JeugdzorgPlus is gesloten jeugdzorg waarbij de jongere in een gesloten voorziening verblijft. De zorg voor jeugdigen met een licht verstandelijke beperking wordt geboden in Orthopedagogische Behandelcentra (OBC’s) Het gaat hier om kinderen die zich door de beperking van hun intellectueel functioneren en sociale aanpassingsvermogen in hun ontwikkeling zijn belemmerd en zich daardoor niet kunnen handhaven in de maatschappij.
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
7
Van de zorg in OBC’s wordt iets meer dan 60% in de vorm van ambulante hulpverlening geboden. Bijna 40% van de cliënten maakt gebruik van residentiële zorg in het OBC. In de figuur wordt hulp vanuit het OBC in één staaf gepresenteerd. In onderstaand cirkeldiagram is weergeven hoe het totale regiobudget verdeeld is over de verschillende deelsectoren. Meer informatie uitgesplitst per gemeente is te vinden in de bijlage cijfers jeugdzorg (bijlage 1). Hierbij is de toegang via Bureau Jeugdzorg en het AMK buiten beschouwing gelaten, aangezien dit geen zorgtrajecten betreft. Budget regio Stedendriehoek 2009 naar deelsector (Bron: NJi, T. van Yperen en A. van Woudenberg)
PGB jeugd; € 12.491.630 Jeugdzorg Plus; € 4.021.436 Jeugdreclassering; € 1.432.681
Jeugd- en opvoedhulp; € 23.047.900
Jeugdbescherming; € 6.911.622 Jeugd LVG; € 12.817.884
Jeugd GGZ; € 11.812.525
Aangezien niet alle jongeren gebruik maken van jeugdzorg is in onderstaande figuur weergegeven hoe de budgetten over de verschillende deelsectoren verdeeld zijn naar het aantal jongeren dat de betreffende zorg ontvangt. Hieruit is af te leiden welke zorgtrajecten relatief veel en weinig kosten ten opzichte van het totaal. Budget jeugdzorg 2009 per jeugdige in zorg (Bron: NJi, T. van Yperen en A. van Woudenberg)
Toeleiding BJz en AMK; € 1.552 Jeugd- en opvoedhulp; PGB jeugd; € 18.500
€ 8.278 Jeugd GGZ; € 1.756
Jeugd LVG; € 25.306
Jeugdzorg Plus; € 49.860
Jeugdbescherming; € 5.391 Jeugdreclassering; € 2.458
8
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
Voorst
335
230
Totaal
Lochem
450
Zutphen
Epe
Deventer
Brummen
Apeldoorn
2.2 Kengetallen AWBZ In de Stedendriehoek zijn op 1 juli 2011 in totaal 23.435 cliënten met een AWBZ-indicatie2. Daarvan hebben er 11.160 een indicatie voor intramuraal, 6.335 een indicatie voor extramuraal zonder begeleiding en 5.945 een indicatie voor extramuraal met begeleiding. De verdeling van de indicaties extramuraal met begeleiding over de gemeenten is te zien in de volgende tabel:
Aantal cliënten met een geldige indicatie voor extramurale AWBZ zorg met begeleiding op 1 juli 2011 Extramuraal met begeleiding
2.490
240 1.385
815 5.945
De grootste groep cliënten met een indicatie voor AWBZ heeft een leeftijd van 18-49 jaar. Daarna volgt de leeftijdsgroep 50-64. Dit is in onderstaand schema weergegeven. In de bijlage cijfers AWBZ (bijlage 2) is de complete verdeling opgenomen.
De grootste dominante grondslag voor een geldige AWBZ-indicatie is een verstandelijke handicap, gevolgd door psychiatrische aandoening/ziekte. In de bijlage cijfers AWBZ (bijlage 2) is de complete verdeling opgenomen.
2
De gegevens komen van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ).
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
9
2.3 Kengetallen werken naar vermogen De huidige Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten is bedoeld voor jongehandicapten die al arbeidsongeschikt zijn wanneer zij 17 jaar worden en studerenden zonder arbeidsverleden die al 17 jaar zijn, maar die tijdens hun studie arbeidsongeschikt worden. Hieronder staat het aantal Wajong ontvangers in de regio per gemeente en naar geslacht.
Aantal Wajong ontvangers, naar geslacht per gemeenten
10
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
Daarnaast hebben we het aantal Wajongers ook afgezet tegen de bevolking van de gemeenten. In de navolgende figuur is het percentage te zien. Percentage van de bevolking (15-64 jaar) met een Wajong uitkering
Bij de huidige Wet sociale werkvoorzieningen kan het gaan om drie vormen van arbeid: beschutte arbeid in een dienstbetrekking bij de gemeente, detachering vanuit een dienstbetrekking bij de gemeente of begeleid werken in een arbeidsovereenkomst met een reguliere werkgever. In de figuur hieronder staan het aantal WSW’ers gedifferentieerd naar vormen van arbeid. Dienstbetrekkingen wsw totaal
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
11
Naast het aantal mensen met een WSW-dienstbetrekking staan er ook nog mensen op de wachtlijst. Omvang wachtlijst op 30 juni 2010
De WWB is per 1 januari 2004 in de plaats van de ABW gekomen. De peildatum is steeds 1 januari van het desbetreffende jaar. Met ingang van 1 oktober 2009 is naast de WWB de wet WIJ van kracht geworden. Vanaf oktober 2009 worden de WIJ-ontvangers bij de WWBontvangers opgeteld. Indien in een huishouden met twee bijstandsgerechtigde partners één partner een uitkering op grond van de WWB ontvangt en de andere partner een uitkering ontvangt op grond van de WIJ, worden beide uitkeringen geteld. Een WWB-uitkering is bedoeld voor huishoudens. Hoewel voor (echt)paren geldt dat beide partners voor gelijke delen recht hebben op de uitkering, is er toch sprake van één uitkering. Een WIJ-uitkering wordt verstrekt aan één persoon. Het is mogelijk dat in een huishouden met twee personen, beide personen een WIJ-uitkering ontvangen. In die situatie is dan de leefvorm "(echt)paar" van toepassing (met bijbehorend normbedrag) en worden de uitkeringen als één uitkering in de statistiek geteld.
Apeldoorn Brummen Deventer Epe Lochem Voorst Zutphen Totaal
12
WWB/WIJ ontvangers totaal [personen] 2.510 190 1.850 330 270 180 990 6.320
WWB/WIJ ontvangers man [aantal] 1.100 80 780 170 110 90 400 2.730
WWB/WIJ ontvangers vrouw [aantal] 1.420 110 1.070 160 160 90 590 3.600
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
13
2.4 Cumulatieve effecten transities Het is niet ondenkbaar dat in sommige gevallen de effecten van deze ontwikkelingen bij één persoon of één gezin terecht komt. Vanuit alle bij de regelingen betrokken rijksdepartementen is een projectgroep opgericht om onder meer de cumulatieve effecten van de regelingen in beeld te brengen. Uit onderzoek van de projectgroep zijn inmiddels drie kwetsbare groepen naar voren gekomen: • Zwakbegaafden met een IQ van 70 tot 85. • Jongeren met psychische en gedragsproblemen. • Multiprobleem-huishoudens. Voor de regio Stedendriehoek is veel informatie beschikbaar over de aantallen cliënten per transitie. Hoeveel cliënten nu aanspraak maken op regelingen binnen twee (of drie) transitiekolommen is onduidelijk. Daarvoor zou gebruik van Jeugdzorg én AWBZ-begeleiding én aanspraak op WIJ/WWB/WSW/Wajong geregistreerd moeten worden op persoonsniveau, bijv. middels het burgerservicenummer (BSN) en dat is niet het geval. Er is meer algemeen onderzoek gedaan naar de stapelingseffecten van de bezuinigingen in het 3 sociale domein door Nicis/Ecorys in opdracht van de G32 . De grootste effecten zijn te verwachten bij: • Huishoudens met lage inkomens die afhankelijk zijn één of meerdere uitkeringen. • Huishoudens die te maken hebben met multiproblematiek. • Werkende minima met kinderen die ook gebruik moeten maken van zorg- en welzijnsvoorzieningen. • Huishoudens welke afhankelijk zijn van een uitkering en daarnaast extra zorgkosten hebben, zijn extra kwetsbaar. Verder gespecificeerd zijn zeven huishoudtypes te noemen waar de verschillende beleidswijzigingen in grote mate cumuleren: • Gezinnen afhankelijk van de WWB met volwassen inwonende kinderen die te maken krijgen met de introductie van de toets op het huishoudinkomen. • Ouders met kinderen met een licht verstandelijke handicap. • Ouders met kinderen met psychische en gedragsproblematiek. • Ouders met arbeidsongeschikte kinderen. • Werkende ouders met jonge kinderen. • Gezinnen met hoge zorgkosten. • Gezinnen met inburgeraars.
2.5 Verschuivingen in aanspraak Cliënten die hun huidige aanspraak verliezen, zullen mogelijk aankloppen bij een ander (gemeentelijk) loket. De Wmo is in tegenstelling tot de AWBZ geen ‘zorgwet’. Waar bij de AWBZ na een zorgvraag blijkt dat een indicatie afgegeven kan worden, ontstaat er een individueel recht op zorg (cliënten kunnen zorg ‘claimen’). Doel van de Wmo is burgers in staat te stellen maatschappelijk te participeren. De eigen kracht en verantwoordelijkheid van burgers staat voorop. Professionele ondersteuning staat naast informele ondersteuning en vraagt een bepaalde wederkerigheid van de burgers. Naast gebruiker kunnen zij ook leverancier van ondersteuning zijn. Gemeenten kunnen zelf invulling aan de Wmo geven. 3
Nicis/ Ecorys, (2011). Stapelingseffecten van de bezuinigingen in het sociale domein. Rotterdam/ Den Haag.
14
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
Dat zorgt voor een bepaalde beleidsvrijheid voor gemeenten en daarmee mogelijke lokale verschillen per gemeente, maar soms ook zelfs per cliënt. Dit wordt ook teruggezien in het jeugdveld. Waar Bureau Jeugdzorg nu nog de indicaties en daarmee een ‘recht op zorg’ afgeeft zijn het na de transitie de gemeenten die voor de toegang tot de verschillende jeugdzorg moeten zorgen. Ook hier gaat eigen kracht van de jeugdige en zijn netwerk een grotere rol spelen.
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
15
3. Raakvlakken bij de aanbieders
Dit raakvlak richt zich vooral op aanbieders van jeugdzorg en AWBZ-begeleiding. In dit hoofdstuk komt naar voren welke aanbieders er actief zijn in de regio Stedendriehoek. Daarbij zijn alleen bovenlokaal werkende organisaties meegenomen (dus werkzaam in twee of meer gemeenten in de regio). Uit het schema is te lezen welke aanbieders van jeugdzorg meerdere ‘takken van sport’ beoefenen. Zoals Lijn5, die provinciaal gefinancierde jeugdzorg biedt alsook jeugd-LVG. Ook is te lezen welke organisaties in beide transitiekolommen actief zijn: Leger des Heils, GGNet, Philadelphia, Zozijn, ’s Heerenloo, Pluryn, Riwis, Tactus en Iriszorg. Jeugdzorg
Jeugdzorg (provinciaal gefinancierd) • Bureau Jeugdzorg • Pactum • Lindenhout • Leger des Heils • Lijn5
AWBZ-begeleiding
Sector verpleegkunde en verzorging • Vérian • Zorggroep Apeldoorn • Zorggroep Sint Maarten • Sutfene
Gehandicaptensector JeugdzorgPlus (gesloten jeugdzorg) • Philadelphia • Avenier (JeugdzorgPlus) • J.P. van den Bent • LSG-Rentray (JeugdzorgPlus) • Interakt Contour • Hoenderloo Groep (JeugdzorgPlus) • Bartméus Jeugd-GGZ • Zozijn • GGNet • ’s Heerenloo • Riwis • Siza • Iriszorg • Humanitas • Karakter • Pluryn • Leger des Heils Maatschappelijke zorg / dagbesteding / • Tactus GGz • Hoenderloo Groep • GGNet • Dimence Jeugd-LVG • Lijn5 • Riwis • Zozijn • Tactus • ’s-Heerenloo • Zonnehuizen • Philadelphia • Iriszorg • Pluryn (Hoenderloo Groep) • Leger des Heils • Passerel
16
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
4. Gemeente als regisseur Na transitie is één regievoerder, de gemeente, verantwoordelijk voor de jeugdzorg, begeleiding (als onderdeel van de Wmo) en de nieuwe wet Werken naar Vermogen. Hieronder laten we zien welke stappen de gemeenten binnen de regio Stedendriehoek zetten. Hoe pakken zij de transities (procesmatig) afzonderlijk aan? Wat wordt er lokaal overkoepelend gedaan? In termen van samenwerking op de transities in het sociale domein, hebben we het dan over de niveaus: • benadering per transitie, lokale invulling • samenhang transities, lokale invulling Na de lokale aanpak een beschrijving van de regionale aanpak per transitie. 4.1 Lokale aanpak Gemeente
Overkoepelend ‘project’ Transities
Apeldoorn
Er is een notitie Samenhang 3 Decentralisaties opgesteld, waarin op basis van gemeenschappelijke aspecten de visie wordt geformuleerd. Centraal hierin staan participatie, zelfredzaamheid, eigen kracht en wederkerigheid. Vanuit klantlogica zal gewerkt worden aan de transities.
Brummen
Er is een plan van aanpak samenhang decentralisaties opgesteld. Het gaat om het in beeld brengen van de samenhang tussen de verschillende deelprojecten. Daarbij wordt uitgegaan van vier deelprojecten: • Decentralisatie AWBZ/Wmo • Decentralisatie Wwnv en aanverwante wetgeving (Wsw, Wajong) • Decentralisatie Jeugdzorg • Uitbesteding Wwb/Wwnv
Deventer
Er is geen overkoepelend projectplan voor de drie transities opgesteld. De transities kennen wel elk hun eigen plan van aanpak. Voor AWBZ is dit een regionale aanpak.
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
Projectleider/ projectgroep overkoepelend • Projectdirecteur is Harry Somers • Serge Delfos is projectleider voor Wwnv; • Antonie de Vlieger is projectleider AWBZ; er is een plan van aanpak en kadernota verschijnt voor zomer 2012 (gepland); • Monique te Wierik en Barry Schuurman zijn projectleiders jeugdzorg. Op ambtelijk en bestuurlijk niveau is coördinatie en overleg afgesproken. Wethouder Bruning is bestuurlijk opdrachtgever. • Bert van Kolfschoten programmamanager (ambtelijk opdrachtnemer) en (deel)projectleider (Uitbesteding Wwnv)) • (deel)projectleider Maikel Swaters (Jeugdzorg) • (deel)projectleider Hans Wehrmeijer (Awbz-Wmo) • (deel)projectleider Bob Terlingen (Wwnv)
Wethouder Swart is bestuurlijk opdrachtgever • Michaela van Oostveen en Holger Boswijk dragen zorg voor samenhang en afstemming tussen de transities. • Ambtelijk opdrachtnemer voor transitie jeugdzorg is Edwin van Staveren. Gemandateerd ambtelijk opdrachtnemer is Anke Klein Lebbink • Natasja Smit is ambtelijk opdrachtnemer
17
Gemeente
Overkoepelend ‘project’ Transities
Projectleider/ projectgroep overkoepelend voor de transitie AWBZ • Hanneke Engels
Epe
Er is een projectopdracht ‘Toekomstperspectief Sociaal Domein’ geformuleerd. Deze moet nog officieel worden vastgesteld eind maart.
• Projectleider Danielle Beumer • Trekker
De gemeenten Lochem en Zutphen gaan samenwerken op het overkoepelende gedeelte van de drie transities. Er is nog geen projectplan opgesteld.
• Programmamanager Laura van der Poel (gem. Zutphen) • Deelprojectleider Zorg voor Jeugd is Bela lubberhuizen •
De drie beleidsmedewerkers op de verschillende thema’s vormen samen met een inhoudelijk ondersteuner een werkgroep. De gemeenten Lochem en Zutphen gaan samenwerken op het overkoepelende gedeelte van de drie transities. Er is nog geen projectplan opgesteld.
Mariko van Vemde (Jeugdzorg) Peter Krük (Wmo-AWBZ) Hans Oosterveld (WWB / WWNV)
is ambtelijk opdrachtnemer WWNV
Lochem
Voorst
Zutphen
decentralisatie jeugdzorg Rianne Boenink • Trekker Awbz/Wmo Peter Liebrechts • Trekker Wwnv Marianne van Spijker • Trekker Passend onderwijs Hans de Wilde. • Beleidscoordinator Wim van Bedem • Ondersteuning en monitoring Wendy Pierweijer
Deelprojectleider voor WMO is Andreas Noordam • Deelprojectleider voor WWNV is Ben Leistra.
• Programmamanager Laura van der Poel (gem. Zutphen) • Deelprojectleider Zorg voor Jeugd is Bela lubberhuizen • Deelprojectleider voor WMO is Andreas Noordam • Deelprojectleider voor WWNV is Ben Leistra.
4.2 Regionale aanpak per transitie Jeugdzorg De bestuurders van de regiogemeenten Midden-IJssel en Oost-Veluwe (Stedendriehoek minus Deventer plus Heerde) hebben op 5 oktober 2011 in gemeenschappelijkheid besloten om de aanpak van de transitie in gezamenlijkheid op te pakken. Zij hebben opdracht gegeven aan het regionaal ambtelijk overleg Jeugd (onder voorzitterschap van Lochem) om een Plan van Aanpak te schrijven en dat op 22 december 2011 aan hen voor te leggen ter besluitvorming. De provincie Gelderland heeft geholpen bij de totstandkoming van het Plan van Aanpak en het plan is onlangs voorgelegd aan de gedeputeerde, mw. Traag.
In de regio Oost-Veluwe en Midden-IJssel zijn twee afstemmingsplatforms actief, waar regionaal werkende jeugd(zorg)instellingen aan deelnemen op directie/ managementniveau. De platforms staan onder voorzitterschap van de wethouders van resp. Apeldoorn en Zutphen. Het plan van aanpak wordt in maart 2012 daar besproken. In februari 2011 is in het overleg tussen de 8 portefeuillehouders Jeugd van GSO-steden en gedeputeerde Esmeijer besloten tot het oprichten van een bestuurlijk platform waar het onderwerp decentralisatie jeugdzorg centraal staat. De Gelderse gemeenten leveren een vertegenwoordiging van wethouders aan vanuit de 7 Gelderse regio’s. Een belangrijke doel is te komen tot gezamenlijke agendavorming tussen gemeenten en provincie, met meerwaarde voor alle betrokkenen in Gelderland en inzet via VNG en IPO richting het rijk. De wethouders van Apeldoorn en Zutphen zijn voor deze regio de vertegenwoordigers in dit bestuurlijk platform. Naast een bestuurlijk platform is ook besloten om een ambtelijk platform in te richten. Ambtelijke vertegenwoordiging vanuit Zutphen en Apeldoorn nemen namens de regio deel aan dit platform. Gemeente Deventer werkt samen op de transitie jeugdzorg met de gemeenten in de regio IJssel-Vecht (Olst-Wijhe, Raalte, Zwolle, Kampen, Staphorst, Zwartewaterland, Steenwijkerland, Dalfsen, Ommen, Hardenberg en Deventer). Er is een gezamenlijke visie geformuleerd. Deze moet verder geconcretiseerd en verder geïmplementeerd worden. De visie van de samenwerkende gemeenten komen overeen met de visie van Wieg naar Werk en de concrete uitvoering van het jeugd- en onderwijsbeleid in Deventer. De periode tot juli 2012 wordt gebruikt om verschillende onderwerpen met elkaar te verkennen. Per juli 2012 is de regionale samenwerking op hoofdlijnen beschreven. Deventer stemt af met Oost-Veluwe en Midden-IJssel over de ontwikkelingen binnen de jeugdzorg. AWBZ-begeleiding Vanuit het regionaal ambtelijk overleg AWBZ/Wmo, onder voorzitterschap van Apeldoorn, is geen gemeenschappelijk plan van aanpak geschreven, maar er wordt in de praktijk wel samengewerkt. In de gemeenten afzonderlijk worden projecten op dit thema ontwikkeld. In alle ambtelijke en bestuurlijke overleggen staat het onderwerp verder op de agenda. In het ambtelijk overleg wordt steeds gezocht naar een gezamenlijke insteek. Op deelonderwerpen wordt verkend hoe gemeenten kunnen samenwerken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld over omvang en spreiding van doelgroepen, nieuwe vormen van ondersteuning en financiering van ondersteuning. In het kader van het regiocontract met de provincie Gelderland is een subsidieverzoek gedaan voor verschillende deelprojecten. De gemeenten Deventer, Voorst, Raalte en Olst-Wijhe (de laatste twee vallen buiten de Stedendriehoek) hebben bestuurlijk afgesproken om tot en met de visieontwikkeling in het kader van de AWBZ-begeleiding gezamenlijk op te trekken. Deventer vervult hierbij een trekkende rol. De regiovorming is ontstaan vanuit het huidige zorggebied van het zorgkantoor. De betrokken gemeenten hebben afgesproken om een gezamenlijke visie te formuleren waarin wordt aangegeven volgens welke uitgangspunten ondersteuning wordt geboden. Volgens planning is deze visie 1 juni 2012 af.
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
19
Werken naar Vermogen De gemeente Apeldoorn verzorgt de dienstverlening op het gebied van werk en inkomen voor Apeldoorn en de gemeenten Brummen, Epe en Voorst. Voor deze subregio is een plan van aanpak voor het implementeren van de Wwnv opgesteld (Delfos, S., sept. 2011). Bestuurlijk opdrachtgever is de Stuurgroep Werk & Inkomen bestaande uit het UWV en de wethouders werk en inkomen van de betrokken gemeenten. Projectopdracht is het formuleren van een gemeentelijke beleidsvisie en vervolgens het vertalen van de landelijke opdracht en gemeentelijke beleidsvisie naar de voor implementatie benodigde stappen. Per 1 januari 2013 volgt dan daadwerkelijke implementatie. Hoewel de gemeenten verantwoordelijk zijn voor implementatie en regie zien zij dat SW-bedrijven, UWV maar ook onderwijsinstellingen en werkgevers onmisbare partners zijn. De informatie over subregionaal Wet werken naar Vermogen Deventer en Lochem/Zutphen moet nog worden toegevoegd.
.
20
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
5. Schaal van samenwerking Met betrekking tot de regio Stedendriehoek zijn verschillende schalen van samenwerking actief. Hieronder een overzicht van een aantal relevante regio-indelingen: • Jeugdzorgregio’s (regionale werkgebieden Bureau Jeugdzorg) • Passend onderwijs: primair onderwijs • Passend onderwijs: voortgezet onderwijs • Werkpleinen • WSW-regio’s • Zorgkantoorregio’s
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
21
22
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
23
6. Proces transities
Het tijdspad en de volgordelijkheid van de transities, inclusief de ontwikkeling naar passend onderwijs, is gevisualiseerd in onderstaand schema (uit: Jeugd in Gelderland, special transitie jeugdzorg). Gemeente Apeldoorn heeft een ‘routekaart’ opgesteld voor de drie transities, inclusief de samenhang hiertussen. Het document moet gezien worden als groeidocument.
24
Transities in het sociale domein l Spectrum CMO Gelderland
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
25
Routekaart Apeldoorn
26
Transities in het sociale domein | Spectrum CMO Gelderland
7. Financiële raakvlakken Voor de regio is bekend welke invoeringsbudgetten beschikbaar zijn. Jeugdzorg Het Rijk stelt incidenteel 64 miljoen euro beschikbaar, waarvan 16 miljoen in 2012 en 48 miljoen in 2012. In 2012 ontvangen gemeenten 10,5 miljoen euro via een decentralisatieuitkering vanuit het Gemeentefonds. Het bedrag wordt toegekend op basis van het aantal jongeren per gemeente (2/3 bedrag) en een vast bedrag voor iedere gemeente. Verder is een deel van het budget 2012 gereserveerd voor provincies, transitiecommissie en andere (ondersteunende) activiteiten. Wat ontvangen de gemeenten in de Stedendriehoek? Gemeente Invoeringsbudget 2012 Apeldoorn € 73.720 Brummen € 17.302 Deventer € 51.222 Epe € 21.781 Lochem € 21.979 Voorst € 17.956 Zutphen € 29.409 (bron: Decembercirculaire ministerie Financiën) Voor 2013 zal er ook een invoeringsbudget per gemeente beschikbaar worden gesteld.
AWBZ-begeleiding Het kabinet stelt in 2012 een bedrag van 47,6 miljoen euro (circa 3 euro per inwoner) en in 2013 een bedrag van 32,0 miljoen euro (circa 2 euro per inwoner) beschikbaar via de algemene uitkering. Deze middelen zijn bedoeld om gemeenten te compenseren voor de (transitie)kosten die samenhangen met de decentralisatie van de functie begeleiding uit de AWBZ. De middelen worden verdeeld via een vast bedrag (25%) en via een bedrag per inwoner (75%). (Bron: Septembercirculaire gemeentefonds 2011) Wat ontvangen de gemeenten in de Stedendriehoek? Inwoners 2011
bijdrage invoering 2012
bijdrage invoering 2013
Apeldoorn
156.199
€ 468.597
€ 312.398
Brummen
21.219
€ 63.657
€ 42.438
Deventer
98.737
€ 296.211
€ 197.474
Epe
32.875
€ 98.625
€ 65.750
Lochem
33.278
€ 99.834
€ 66.556
Voorst
23.703
€ 71.109
€ 47.406
Zutphen
47.084
€ 141.252
€ 94.168
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
27
Bijlage 1 Cijfers jeugdzorg Tabel 1: Landelijke Kengetallen Jeugdzorg (1) 4 Aantal cliënten 2008 (2)
Deelsectoren
Bureau Jeugdzorg * BJZ toeleiding hulp - totaal aanmeldingen - waarvan geaccepteerd (4) * Jeugdbescherming * Jeugdreclassering AMK (5) * Adviezen * Consulten * Onderzoeken Jeugd- en opvoedhulp (6) * Ambulante jeugdhulp * Verblijf deeltijd * Verblijf pleegzorg * Verblijf 24-uurs * Crisiszorg Jeugdzorg Plus Jeugd-ggz ZvW (7) * Ambulante zorg * Deeltijd * Residentieel * Gemengd Ggz 1e lijn zelfst. Gevestigd Jeugd-lvg AWBZ OBC's (8) Jeugd-lvg AWBZ overig Jeugd-ggz + lvg PGB (9)
Totaal aantal
Budget 2009
Per 1000 jeugdigen (3)
Totaal budget
Bedragen in €
Per jeugdige in zorg
145.000.000 88.177 53.740 47.877 23.738 52.946 27.634 9.156 16.156 95.173 44.276 9.816 20.144 11.805 9.132 3.236
28,5 18,1 14,5 6,6 16,9 8,3 2,6 4,2 28,8 12,7 2,7 6,2 3,3 3 0,9
12.970
100.689 63.810 51.014 23.193 59.439 32.501 10.364 16.574 101.553 48.254 9.348 21.727 11.527 10.697 3.209 266.229 256.618 1.734 6.428 2.936 1.425 13.001
33.600
26.865
7,6
237.601 1.678 6.073 2.878
Totaal 4
Aantal cliënten 2009
72,8 0,5 1,8 0,8 0,4 3,7
275.000.000 57.000.000 41.000.000 1.900.000 1.100.000 38.000.000 917.0000.0000 200.000.000 180.000.000 170.000.000 325.000.000 42.000.000 160.000.000 470.000.000
329.000.000 181.000.000 497.000.000 3.072.000.000
Per jeugdige algemeen (3)
41,11 2.272 5.391 2.458 690 58 106 2.293 9.030 4.145 9.255 7.824 28.195 3.926 49.860 1.756
25.306 18.500
77,96 16,16 11,62 0,54 0,31 10,77 259,97 56,70 51,03 48,19 92,14 11,91 45,36 133,24
93,27 51,31 140,90 870,90
Yperen, T. v., & Woudenberg, A. v. (2011). Werk in uitvoering: Bouwen aan het nieuwe jeugdstelsel. Utrecht: Nederlands Jeugd instituut (NJi). Bijlage Kengetallen Jeugdzorg,pagina 55
28
Transities in het sociale domeinSpectrum CMO Gelderland
1. 2.
3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Bron: Yperen, T.A. van & Woudenberg, A. van (2011). Werk in uitvoering. Bouwen aan het nieuwe jeugdstelsel. Utrecht: Nederlands Jeugdinstituut. (Te downloaden van www.nji.nl). De tabel is gemaakt samen met het ministerie van VWS. Gegevens over aantal cliënten niet op basis van een eenduidige definitie. Zo betreft het aantal cliënten Jeugd- en opvoedhulp gebruikers (berekend door het aantal kinderen in zorg op 1 januari op te tellen bij de instroom in dat jaar). Dit kan afwijken van andere deelsectoren, waar wellicht alleen standcijfers worden gebruikt. Jeugdigen geteld in de ene deelsector kunnen ook in de andere deelsector voorkomen. Optellen geeft daarom geen juist beeld van het aantal cliënten. Gerekend over alle jeugdigen in Nederland 0 t/m 17 jaar (3.527.375). Budget per jeugdige niet gewogen naar risicofactoren. Cijfers 2008 van 14 bureaus jeugdzorg, over 2009 van 15 bureaus jeugdzorg; deels dus sprake van administratieve stijging. Uitsplitsing bedragen voor de functies advies, consult en onderzoek door VWS geschat. Bron: Jeugdzorg Nederland (2010). Bedragen per zorgsoort door VWS geschat. Geschat aan unieke cliënten in 2008 is 70.805; in 2009 is dat 75.323. Bedragen per jeugdige in zorg berekend over gebruikers, niet de unieke cliënten. Gegevens volgens VWS. Het Sectorrapport ggz (2010) berekent andere aantallen en bedragen. Iets meer dan de helft van personen in behandeling in 2009 zijn volgens het sectorrapport jeugdigen, de rest zijn ouders; ZvW = Zorgverzekeringswet. Aantal cliënten in Orthopedagogische Behandelcentra (OBC’s); Zie verder Kerncijfers LVG (PWC, 2009). Het aantal cliënten jeugd-lvg AWBZ overig is niet goed bekend. PGB = Patiëntgebonden Budget. Op peildatum 31-1-2009. Het gemiddelde PGB-budget dat wordt toegekend is 18.500 euro. Op basis daarvan is het aantal cliënten (PGBhouders) berekend.
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
29
Tabel 2 Aantal cliënten jeugdzorg, regio Stedendriehoek Gebaseerd op aantal jeugdigen 0 t/m 17 jaar op 1 januari 2009 en kengetallen jeugdzorg (Yperen & Woudenberg, 2011)
BJZ
AMK
Jeugd en opvoedhulp
Apeldoorn
Brummen
Deventer
Epe
Lochem
Voorst
Zutphen
Eindtotaal
Aanmeldingen
945
130
614
195
199
141
303
2.527
Acceptaties
600
82
390
124
127
90
192
1.605
Jeugdbescherming
481
66
312
99
101
72
154
1.286
Jeugdreclassering
219
30
142
45
46
33
70
585
Adviezen
275
38
179
57
58
41
88
736
Consulten
86
12
56
18
18
13
28
231
Onderzoeken
139
19
90
29
29
21
45
372
Ambulante jeugdhulp
421
58
273
87
89
63
135
1.126
90
12
58
18
19
13
29
239
Verblijf pleegzorg
206
28
133
42
43
31
66
550
Verblijf 24-uurs
109
15
71
23
23
16
35
293
Crisiszorg
100
14
65
20
21
15
32
266
Verblijf deeltijd
JZ+
Jeugdzorg Plus
30
4
19
6
6
4
10
80
Jeugd-ggz ZvW
Ambulante zorg
6.454
2.415
332
1567
497
509
361
774
Deeltijd
17
2
11
3
3
2
5
44
Residentieel
60
8
39
12
13
9
19
160
Gemengd
27
4
17
5
6
4
9
71
Jeugd-ggz
Ggz 1e lijn zelfst. Gevestigd
13
2
9
3
3
2
4
35
LVG
Jeugd-lvg AWBZ OBC's
123
17
80
25
26
18
39
328
PBG
Jeugd-ggz + lvg PGB
252
35
164
52
53
38
81
674
30
Transities in het sociale domeinSpectrum CMO Gelderland
Tabel 3 Budget jeugdzorg, regio Stedendriehoek Gebaseerd op aantal jeugdigen 0 t/m 17 jaar op 1 januari 2009 en kengetallen jeugdzorg (Yperen & Woudenberg, 2011)
BJZ
Apeldoorn
Brummen
Toeleiding
1.363.783
Jeugdbescherming
2.586.245
Jeugdreclassering AMK*
Adviezen Consulten
Deventer
Epe
Lochem
Voorst
Zutphen
Eindtotaal
187.297
885.057
280.576
287.482
203.618
436.835
3.644.648
355.186
1.678.401
532.077
545.174
386.136
828.403
6.911.622
536.092
73.625
347.909
110.292
113.007
80.040
171.716
1.432.681
17.914
2.460
11.626
3.686
3.776
2.675
5.738
47.874
10.284
1.412
6.674
2.116
2.168
1.535
3.294
27.483
357.284
49.068
231.867
73.505
75.315
53.344
114.442
954.825
Ambulante jeugdhulp
1.880.966
258.325
1.220.694
386.978
396.503
280.835
602.494
5.026.795
Verblijf deeltijd
1.692.869
232.493
1.098.625
348.280
356.853
252.752
542.245
4.524.116
Verblijf pleegzorg
1.598.655
219.554
1.037.483
328.897
336.993
238.685
512.067
4.272.333
Verblijf 24-uurs
3.056.652
419.790
1.983.682
628.856
644.335
456.369
979.080
8.168.764
395.102
54.262
256.410
81.286
83.287
58.990
126.556
1.055.893
Jeugdzorg Plus
1.504.773
206.660
976.555
309.582
317.202
224.668
481.995
4.021.436
Jeugd-ggz ZvW*
4.420.104
607.041
2.868.524
909.363
931.747
659.938
1.415.808
11.812.525
Jeugd-lvg AWBZ OBC's
3.094.139
424.938
2.008.010
636.568
652.237
461.966
991.087
8.268.945
Jeugd-lvg AWBZ overig
1.702.158
233.768
1.104.653
350.191
358.811
254.138
545.220
4.548.939
Onderzoeken Jeugd en opvoedhulp*
Crisiszorg
LVG PGB* Totaal budget
Jeugd-ggz + lvg PGB
4.674.217
641.940
3.033.436
961.643
985.314
697.878
1.497.203
12.491.630
28.891.237
3.967.820
18.749.606
5.943.893
6.090.204
4.313.568
9.254.183
77.210.510
AMK* : Uitsplitsing bedragen voor de functies advies, consult en onderzoek door VWS geschat. Jeugd- en opvoedhulp*: Bedragen per zorgsoort door VWS geschat en berekend over gebruikers, niet de unieke cliënten. Jeugd-ggz ZvW (Zorgverzekeringswet)*: gegevens volgens VWS. Het Sectorrapport GGZ (2010) berekent andere aantallen en bedragen. PGB* (Patiëntgebonden Budget): Het gemiddelde PGB-budget dat wordt toegekend is 18.500 euro, peildatum 31-1-2009. Op basis daarvan is het aantal cliënten (PGB-houders) berekend.
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
31
Bijlage 2 Cijfers AWBZ
Transitie AWBZ , Tweede helft 2011 - Gemeenten Stedendriehoek Apeldoorn Brummen
Deventer
Epe
Lochem
Voorst
Zutphen
Totaal
Aantal clienten met een geldige indicatie voor extramurale AWBZ zorg op 1 juli 2011 Extramuraal met begeleiding
2.490
240
1.385
450
335
230
815
5.945
Extramuraal zonder begeleiding
2.185
330
1.470
560
655
380
755
6.335
Intramuraal
4.775
525
2.085
810
915
920
1.130
11.160
Totaal
9.450
1.090
4.940
1.820
1.910
1.530
2.695
23.435
100
50
25
15
85
445
Aantal clienten met een geldige indicatie voor extramurale AWBZ-zorg met Begeleiding op 1 juli 2011 naar leeftijd 0-11 jr
155
15
12-17 jr
145
15
95
30
25
15
70
395
18-49 jr
1.160
80
695
155
95
70
355
2.610
50-64 jr
470
50
240
75
45
45
135
1.060
65-74 jr
195
15
85
50
40
20
50
455
75-84 jr
220
40
115
55
65
40
65
600
85 jr en
140
20
60
35
45
20
60
380
0
0
0
0
0
0
0
0
2.490
240
1.385
450
335
230
815
5.945
onbekend totaal
32
Transities in het sociale domeinSpectrum CMO Gelderland
Apeldoorn Brummen
Deventer
Epe
Lochem
Voorst
Zutphen
Totaal
Aantal cliënten met een geldige indicatie voor extramurale AWBZ-zorg met Begeleiding op 1 juli 2011 naar dominante grondslag Somatische aandoening/ziekte
335
50
195
95
80
60
115
930
Psychogeriatrische aandoening/ziekte
140
20
55
30
40
15
40
340
1.005
55
445
115
75
45
255
1.995
Lichamelijke handicap
160
20
90
35
35
20
55
415
Verstandelijke handicap
790
80
560
165
95
75
330
2.095
55
5
40
5
10
10
20
145
0
0
0
0
0
0
0
0
2.490
240
1.385
450
335
230
815
5.945
Psychiatrische aandoening/ziekte
Zintuiglijke handicap onbekend totaal
Spectrum CMO Gelderland | Transities in het sociale domein
33