Houwerzijl, een zelfredzaam dorp
Tineke Kingma
Titelblad Auteur :
Tineke Kingma
Studie :
Student HBO-V
Studentennummer:
00332487
Instituut:
Hanzehogeschool Groningen
Opdrachtgevers:
Vereniging Dorpsbelangen Houwerzijl en Gemeente de Marne
Begeleiders:
Mevr. Drs. Olga Buiter & mevr. drs. Jannie Rozema
Datum:
17 januari 2011
Medestudenten:
Ruel Eppink, Rachel Hiemstra & Corien Kingma
2
Samenvatting De Vereniging Dorpsbelangen van Houwerzijl wil een dorpsvisie opstellen ter verbetering van de leefbaarheid van het dorp Houwerzijl. De gemeente De Marne bracht de Vereniging Dorpsbelangen met het Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling Noorderruimte van de Hanzehogeschool te Groningen in contact. Dit contact heeft geleid tot ondersteuning van het Kenniscentrum aan de Vereniging Dorpsbelangen in de vorm van een dorpsonderzoek. In een multidisciplinair team zijn de onderzoekers van het Kenniscentrum en de studentonderzoekers van het Atelier Mens en Omgeving aan de slag gegaan met het opstellen van een onderzoeksplan. Binnen het algemene onderzoek vielen vier deelonderzoeken met als onderwerpen: zelfredzaamheid, zorgzaam, ondernemerschap en binding. Dit onderzoeksrapport gaat over het deelonderzoek zelfredzaamheid. Doel van het deelonderzoek ‘zelfredzaamheid’ was achter te komen hoe zelfredzaam de inwoners van het dorp Houwerzijl zijn. Zijn de inwoners voorbereid op het ouder worden in een vergrijzend dorp, en hoe zijn zij hierop voorbereid? Is het zo dat Houwerzijl een zelfredzaam dorp genoemd kan worden? Hoe kan de zelfredzaamheid in het dorp versterkt worden? Voor het onderzoeken van dit thema werd de volgende onderzoeksvraag geformuleerd: ‘ Hoe zien de bewoners van Houwerzijl hun zelfredzaamheid in 2025?’. Het onderzoek was zowel van kwalitatieve als van kwantitatieve aard. Het kwantitatieve onderzoek werd uitgevoerd door middel van een leefbaarheidscan en een kinderenquête. De leefbaarheidscan is ingevuld door 133 inwoners van Houwerzijl, dit is een respons van 58%. De kinderenquête is ingevuld door acht kinderen in de leeftijd van 6 tot 12 jaar. In de leefbaarheidscan staan acht vragen die betrekking hebben op het onderwerp zorg. Uit de leefbaarheidscan kwam naar voren dat zeven bewoners zorgbehoevend zijn. Van deze zeven mensen, maken twee mensen gebruik van thuiszorg en één persoon maakt gebruik van mantelzorg. Verder kwam naar voren dat ongeveer 40% van de respondenten aangeeft wel eens hulp te verlenen aan dorpsgenoten. Deze hulp wordt gegeven in de vorm van boodschappen doen, kleine klusjes rondom huis, klein tuinonderhoud of door op te passen. De woning is bij een groot aantal respondenten al aangepast. 75% heeft al een slaapkamer beneden en bijna de helft van alle respondenten heeft een badkamer beneden. Door de respondenten wordt verschillend gedacht over de veiligheid van de trottoirs. De helft van de respondenten vindt de trottoirs goed begaanbaar. Het kwalitatieve onderzoek werd uitgevoerd door middel van interviews met de dorpsbewoners en een beleidsmedewerker van de gemeente De Marne. Er werd gesproken met acht dorpsbewoners. In de gesprekken werd gesproken over Houwerzijl als een vergrijzend dorp. De geïnterviewden zagen vergrijzing niet als een probleem, maar als een positief punt. Verder kwam naar voren dat vier van de acht geïnterviewden hun woning hebben aangepast op het ouder worden. De woning is aangepast met een slaapkamer en badkamer beneden. Op de vraag of zij willen verhuizen naar een dorp met voorzieningen, wordt duidelijk dat dit alleen zal gebeuren wanneer er geen andere optie meer is. Het verhuizen naar een verpleeg- of verzorgingstehuis wordt dan ook zo lang mogelijk uitgesteld. Ten slotte werd tijdens de gesprekken duidelijk dat een soort van prikbord voor het aanbieden van hulp of diensten op de website een goed idee is voor Houwerzijl. Wanneer er diensten of hulp
3
aangeboden wordt via de site, krijgen de leden van de site dan een mailtje met daarin de aangeboden dienst of hulp. Uit zowel de gesprekken als de leefbaarheidscan kan geconcludeerd worden dat de zelfredzaamheid in het dorp hoog is. Er wordt van zowel burenhulp als mantelzorg gebruik gemaakt. Bovendien willen de bewoners van Houwerzijl zo lang mogelijk in het dorp blijven wonen. Alleen wanneer het echt niet meer mogelijk is, is verhuizen naar een dorp met meer voorzieningen een optie. De mobiliteit van de dorpsbewoners is in orde. Er wordt weinig gebruik gemaakt van persoonsgebonden hulpmiddelen. Het boodschappen doen in een ander dorp wordt dan ook niet gezien als een groot probleem. Wanneer dit toch tot problemen leidt, wordt de buurman of buurvrouw gevraagd om even een boodschap mee te nemen. Als conclusie kan worden gesteld, dat Houwerzijl een zelfredzaam dorp is. Uit de conclusies komt een aantal aanbevelingen voort. Eén van de aanbevelingen is het ondersteunen van de zelfredzaamheid door een prikbord op de site Houwerzijl-online.nl. Wanneer dit prikbord er komt, zullen diensten en hulp via de site aangeboden kunnen worden. Wanneer de hulp wordt aangeboden via de site, krijgen leden van de site een mailtje met daarin de announcement die geplaatst is op de site. Daarnaast wordt de aanleg en het gebruik van domotica inde woningen aanbevolen. Domotica is een elektronisch programma dat het zelfstandig leven in een woning gemakkelijker maakt voor ouderen. Door ontgroening dreigt de mantelzorg uit Houwerzijl te verdwijnen. Door burenhulp te stimuleren zal de zelfredzaamheid van inwoners van Houwerzijl toch in stand kunnen blijven.
4
Voorwoord De afgelopen maanden is hard gewerkt aan een leefbaarheidsonderzoek in het dorp Houwerzijl. Ik heb gekozen voor het werken aan een dorpsonderzoek, omdat ik zelf uit een dorp kom. Hierdoor was ik ook geïnteresseerd in de krimp die de provincie Groningen meemaakt. Als eerste wil ik de dorpsbewoners van Houwerzijl hartelijk bedanken voor de medewerking aan dit onderzoek. Ik wil hen bedanken voor het invullen van de enquête en het deelnemen aan de gesprekken. De afgelopen maanden heb ik met plezier aan dit onderzoek gewerkt. Dit onderzoek is in een multidisciplinair team uitgevoerd. De samenwerking met andere studierichtingen is mij zeer goed bevallen. Ik heb geleerd om een onderzoeksplan op te stellen en uit te voeren en een onderzoekrapport te schrijven. Iets wat ik in mijn eigen vakgebied niet tegenkom. Daarom wil ik mijn teamgenoten (Rachel Hiemstra, Ruel Eppink en Corien Kingma) hartelijk bedanken voor de fijne samenwerking. Daarnaast wil ik de docenten Olga Buiter en Jannie Rozema bedanken voor de samenwerking van de afgelopen maanden. Ik wil hen bedanken voor de begeleiding en motivatie.
Groningen, januari 2011
5
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding .............................................................................................................................. 8 1.1 Inleiding ......................................................................................................................................... 8 1.2 Aanleiding ...................................................................................................................................... 8 1.3 Doelstelling .................................................................................................................................... 8 1.4 Houwerzijl...................................................................................................................................... 8 1.5 Gemeente De Marne ..................................................................................................................... 8 1.6 Opbouw onderzoeksrapport ......................................................................................................... 9 Hoofdstuk 2 Zelfredzaamheid ............................................................................................................... 10 2.1 Zelfredzaamheid en krimp........................................................................................................... 10 2.2 Houwerzijl en zorg ....................................................................................................................... 10 2.3 Hoofdvraag .................................................................................................................................. 12 3.3 Begripsdefiniëring ....................................................................................................................... 13 Hoofdstuk 3 Opzet en uitvoering onderzoek ........................................................................................ 14 3.1 Onderzoeksontwerp .................................................................................................................... 14 3.2 Dataverzamelingsmethoden ....................................................................................................... 14 3.3 Populatie en respons ................................................................................................................... 15 3.4 Onderzoeksinstrumenten................................................................................................................ 15 3.5 Dataverzameling en ervaringen. ................................................................................................. 17 3.6 Analysebeslissingen ..................................................................................................................... 17 Hoofdstuk 4 Resultaten ......................................................................................................................... 18 4.1 Resultaten leefbaarheidscan en interviews ................................................................................ 18 4.2 Deelvraag: wat zijn de opvattingen over de informele zorg? ..................................................... 18 4.3 Deelvraag: in welke mate maken zij nu of in de toekomst gebruik van informele zorg? ........... 18 4.4 Deelvraag: In welke mate maken zij nu of in de toekomst gebruik van persoonsgebonden en woninggebonden hulpmiddelen? ..................................................................................................... 19 4.5 Deelvraag: Welke bijdrage levert de zelfredzaamheid en de informele zorg van Houwerzijl op voor de leefbaarheid en de identiteit van Houwerzijl? ..................................................................... 21 4.6 Expertgesprek mevrouw Reinders .............................................................................................. 21 4.7 Hulp via Houwerzijl-online .......................................................................................................... 22 Hoofdstuk 5 Conclusies ......................................................................................................................... 23 5.1 Houwerzijl 2010: mobiel en zelfredzaam .................................................................................... 23 5.2 Wonen ......................................................................................................................................... 23
6
5.3 Informele zorg ............................................................................................................................. 23 5.4 Veiligheid ..................................................................................................................................... 24 5.5 De zelfredzaamheid als identiteit van Houwerzijl ....................................................................... 24 Hoofdstuk 6 Aanbevelingen .................................................................................................................. 25 6.1 Informele zorg ............................................................................................................................. 25 6.2 Interactieve website Houwerzijl-online ...................................................................................... 25 6.3 Domotica ..................................................................................................................................... 25 Literatuur ............................................................................................................................................... 26
7
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Inleiding De bevolkingssamenstelling verandert door krimp; er treedt vergrijzing en ontgroening op de komende jaren. Jongeren trekken richting steden en ouderen blijven in de kleinere dorpen wonen. Door de verandering van de bevolkingssamenstelling verandert de leefbaarheid van een gebied. In de provincie Groningen hebben meerdere gemeenten hiermee te maken. Eén van deze gemeenten is gemeente De Marne. Zij zal de komende 30 jaar kampen met een bevolkingsdaling van 25%. (Provincie Groningen, 2010).
1.2 Aanleiding In 2010 zocht de Vereniging Dorpsbelangen contact met de gemeente De Marne, omdat zij een dorpsvisie op wilden stellen voor Houwerzijl ter verbetering van de leefbaarheid in het dorp. De gemeente De Marne bracht de Vereniging Dorpsbelangen in contact met het Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling Noorderruimte van de Hanzehogeschool Groningen. Dit heeft uiteindelijk geleid tot ondersteuning van het Kenniscentrum aan de Vereniging Dorpsbelangen in de vorm van een dorpsonderzoek. In een multidisciplinair team zijn de onderzoekers van het Kenniscentrum en de studentonderzoekers van het Atelier Mens en Omgeving aan de slag gegaan met het opstellen van een onderzoeksplan. De studenten zijn afkomstig van de opleidingen Verpleegkunde, Facility Management en Culturele en Maatschappelijke Vorming. Door middel van een algemeen onderzoek naar leefbaarheid en deelonderzoeken die binnen de studierichting van de studenten vallen is onderzoek gedaan in het dorp ten behoeve van een dorpsvisie. De deelonderzoeken hebben als onderwerpen: zelfredzaamheid, zorgzaam, ondernemerschap en binding.
1.3 Doelstelling Doel van het deelonderzoek ‘zelfredzaamheid’ is het achterhalen van de zelfredzaamheid in het dorp Houwerzijl. Hoe zelfredzaam zijn de ouderen in het dorp? Zijn de inwoners voorbereid op het ouder worden in een vergrijzend dorp en hoe zijn zij hierop voorbereid? Is het zo dat Houwerzijl een zelfredzaam dorp genoemd kan worden? Hoe kan de zelfredzaamheid in het dorp versterkt worden? Dit onderzoek moet aanbevelingen voor de zelfredzaamheid opleveren.
1.4 Houwerzijl Houwerzijl is een dorp met 258 inwoners (Gemeente de Marne, september 2010) en ligt tussen de grotere dorpen Zoutkamp en Leens. Houwerzijl was vroeger een actief dorp. Zo waren er veel zelfstandige ondernemingen die het dorp op de kaart zetten. Het dorp staat momenteel vooral bekend om De Theefabriek, die jaarlijks door duizenden mensen bezocht wordt. De afgelopen jaren zijn de ondernemingen en de activiteiten in het dorp afgenomen. Zo zijn er geen zorg of voedselfaciliteiten meer, heeft het dorp geen dorpshuis meer en is het dorp aangewezen op faciliteiten in andere dorpen.
1.5 Gemeente De Marne Houwerzijl ligt in de gemeente De Marne, de meest noordwestelijke gemeente van de provincie Groningen. De gemeente is in 1990 ontstaan, nadat er een gemeentelijke herindeling heeft plaatsgevonden van de gemeenten Leens, Eenrum, Ulrum en Kloosterburen. Tot de gemeente behoort verder het Groningse deel van het Lauwersmeergebied; de gemeente heeft in totaal 21 kernen.
8
De missie van Gemeente De Marne luidt: De Marne is een gemeente waarin het plezierig is om te wonen door de verbondenheid met het landschap (rust en ruimte) en de kleinschaligheid van de karakteristieke woonkernen. Het is een gemeente waar jongeren en ouderen zich thuis voelen, waar voldoende werkgelegenheid is en waar de voorzieningen adequaat zijn voor alle bevolkingsgroepen. (Collegeprogramma gemeente De Marne 2006 -2010. Februari 2010.)
1.6 Opbouw onderzoeksrapport in het eerste hoofdstuk wordt verdere informatie verstrekt over het thema ‘zelfredzaamheid’ in combinatie met het dorp Houwerzijl. Verder komen er in dit hoofdstuk de hoofd- en deelvragen aan bod. In het tweede hoofdstuk wordt uitleg gegeven over de aard van het onderzoek en over de gebruikte methoden. Daarnaast komt de populatie en respons aan bod en worden de onderzoeksinstrumenten toegelicht. Vervolgens wordt er duidelijk gemaakt waarom er bepaalde analysebeslissingen gemaakt zijn. Hierna zijn de resultaten beschreven. Deze zijn in tabellen weergegeven en nauwkeurig uitgeschreven. Ten slotte komen de conclusies en aanbevelingen aan bod.
9
Hoofdstuk 2 Zelfredzaamheid 2.1 Zelfredzaamheid en krimp De bevolkingssamenstelling verandert door krimp; er treedt vergrijzing op de komende jaren. Wanneer de zorg die zorgbehoevenden nodig hebben niet geleverd kan worden in het dorp waar zij momenteel wonen, verhuizen zij naar grotere plaatsen waar zorg op maat verleend wordt. Tegenwoordig zijn er betere voorzieningen om thuis te blijven wonen. Voorbeelden hiervan zijn: alarmeringen, thuiszorg, Domotica (een elektronische toepassing in woningen die deels de zorg in huis makkelijker maakt door elektronische apparatuur) en zorg op afstand. Ook is het voor de ouderen erg belangrijk om zelfstandig te kunnen blijven. Dit draagt namelijk bij aan de kwaliteit van leven en zorgt ervoor dat de onafhankelijkheid gestimuleerd wordt. Aan het thema ‘zelfredzaamheid’ zitten verschillende kanten: sociale en lichamelijke aspecten. Bij de sociale kanten moet gedacht worden aan het nog sociaal kunnen communiceren met anderen en het sociale netwerk. Bij de lichamelijke kanten moet gedacht worden aan het kunnen verrichten van de ADL (Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen), persoonlijke verzorging, boodschappen doen, schoonmaken en dergelijke (domotica.nl, december2010).
2.2 Houwerzijl en zorg 2.2.1 Armenzorg De armenzorg was vroeger een zaak van de kerk. Mensen die wegens ouderdom of een handicap niet in staat waren om te werken, waren volledig aangewezen op de kerkelijke liefdadigheid. Pas vanaf 1851 kwam er financiële hulp van de overheid. Bedelen kwam in deze jaren veel voor en werd niet gezien als een kwaad bedoelde handeling. Als je arm was mocht je aankloppen voor hulp bij je broeder of zuster. Hoe de zorg voor de zwakkeren in de samenleving in het begin van deze eeuw was georganiseerd, blijkt uit het jaarverslag van de Gemeente Ulrum over de periode 1931-1935. Onder het hoofdstuk ‘maatschappelijke steun en voorzorg’, staat vermeld: ‘in deze gemeente bestaan: het Burgerlijke Armbestuur en acht kerkelijke Diaconieën, als instellingen van weldadigheid’ (Renkema, Scholtens, & Zijlstra, 1997). 2.2.2 Vereniging onderlinge steun Houwerzijl was vroeger net als elk ander dorp een hechte gemeenschap. Doordat de sociale wetgeving nog niet ontworpen was, waren de mensen aangewezen op elkaar. In 1919 werd de ‘vereniging onderlinge steun’ opgericht. Deze vereniging had als doel om de leden ‘geldelijke en financiële steun bij verpleging in een ziekenhuis’ aan te bieden. Het hoofd van het gezin en alleenstaanden met een eigen inkomen konden lid worden van deze vereniging. In 1932 werd de vereniging toegelaten tot de ‘Bond van Verenigingen voor Ziekenverpleging in de provincie Groningen’. Door de vereniging werden nu ook ritkosten naar het ziekenhuis vergoed. De vereniging is waarschijnlijk in de oorlog door de Duitsers verboden en is later opgegaan in het ziekenfondswezen. (Renkema, Scholtens, & Zijlstra, 1997) 2.2.3 Formele zorg Formele zorg is zorg die geleverd wordt vanuit een instelling. Voorbeelden hiervan zijn: thuiszorg, ziekenhuis, verpleeghuis- en verzorgingstehuiszorg, huisartsen, psychiatrische instellingen en dergelijke. De zorg wordt geleverd door mensen die hiervoor zijn opgeleid en zij ontvangen hier dan ook een vergoeding voor. 2.2.4 Informele zorg Wanneer iemand ziek is hoeft dit niet altijd te betekenen dat hij of zij gebruik moet gaan maken van professionele of betaalde zorg. Informele zorg is zorg die onbetaald is en die niet wordt gegeven door professionals uit de zorg. Deze zorg wordt verleend aan mensen die chronisch ziek zijn en
10
gehandicapten of ouderen die zonder deze hulp niet kunnen functioneren. Informele zorg wordt vaak gegeven door familieleden, vrienden of vrijwilligers. Onder informele zorg valt zelfzorg, mantelzorg en vrijwilligerswerk. 2.2.5 Zelfzorg Goed voor jezelf zorgen heet zelfzorg. Het woord zegt het eigenlijk al, je zorgt voor jezelf. Dit doe je door gezond en op gezette tijden te eten, goed te drinken, te sporten en sociale contacten te onderhouden. Wanneer het lichaam een slechte weerstand heeft, zal je jezelf moeten voorzien van vitaminen. Wanneer je niet goed voor jezelf kan zorgen, zal dit over genomen moeten worden door een mantelzorger, een vrijwilliger of iemand met een professionele achtergrond. (mezzo.nl, januari 2010) 2.2.6 Mantelzorg Mantelzorg en vrijwilligerswerk wordt vaak door elkaar gehaald. Toch zijn dit verschillende onderwerpen. Mantelzorgers zijn mensen die voor hun eigen vrienden, familieleden of kennissen zorgen. Deze mantelzorgers doen dit vaak langdurig, zijn vaak niet van beroep zorgverlener en worden voor hun diensten ook niet betaald. Mantelzorgen overkomt je. Dit wil zeggen dat je degene helpt die zorg nodig heeft, omdat hij of zij een goede band met jou heeft. Vaak wordt er dag en nacht voor de zorgontvanger gezorgd. De definitie van de Nationale Raad voor Volksgezondheid luidt: ‘Mantelzorg is zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt gegeven aan een hulpbehoevende door één of meerdere leden van diens directe omgeving, waarbij de zorgverlening direct voortvloeit uit de sociale relatie.’(Nationale Raad voor Gezondheid, december 2010). 2.2.7 Vrijwilligerswerk Vrijwilligers kiezen er zelfstandig voor om iemand te verzorgen. Wanneer zij beginnen met het verzorgen van iemand is er vaak geen sprake van een band met degene die verzorg wordt. Zo kunnen vrijwilligers stoppen wanneer zij willen en zorgen ze voor een tijdsafbakening. Vaak zijn vrijwilligers geen zorgverlener van beroep en doen zij dan ook geen verpleegkundige handelingen. (mezzo.nl, januari 2010) 2.2.8 Intramurale zorg Intramurale zorg wordt ook wel klinische zorg genoemd. Deze zorg wordt binnen de muren verleend. Instellingen die hiervan gebruik maken zijn: ziekenhuizen, verpleeg- en verzorgingstehuizen en psychiatrische instellingen. Mensen worden opgenomen in deze instelling, zodat zij daar kunnen aansterken om vervolgens gezond naar huis terug te kunnen keren. 2.2.9 Semimurale zorg Semimurale zorg is een tussenweg tussen intramurale en ambulante zorg. Hierbij wonen de mensen zo zelfstandig mogelijk, maar is begeleiding altijd beschikbaar. Een opname is bij deze zorgcategorie niet noodzakelijk. Voorbeelden hiervan zijn: - Gehandicapten en ouderen die beschermd wonen. Zij wonen zo zelfstandig mogelijk, maar kunnen om hulp vragen wanneer zij dat nodig hebben. - Mensen met een psychiatrische stoornis, die een dagdeel op een instelling blijven. - Dagbesteding voor gehandicapten en dementerende ouderen. 2.2.10 Ambulante zorg Ambulante zorg wordt ook wel extramurale zorg genoemd. Dit betekend dat de zorgbehoevenden nog zo zelfstandig mogelijk wonen, niet opgenomen hoeven te worden, maar thuis zorg of ondersteuning ontvangen bij de algemene dagelijkse levensverrichtingen. Voorbeelden hiervan zijn: - De thuiszorg - De psychiater - De psycholoog.
11
Ambulante zorg wordt niet verleend vanuit een instelling. 2.2.11 Vooronderzoek In het voorjaar van 2010 is een vergelijkbaar onderzoek gedaan naar de zelfredzaamheid van ouderen in het dorp Westernieland. Dit onderzoek werd uitgevoerd vanuit het Atelier Mens en Omgeving van de Hanzehogeschool te Groningen. In dit onderzoek werd antwoord gegeven op de vraag: ‘Hoe willen oudere mensen lang(er) zelfredzaam in Westernieland blijven wonen?’ Deze vraag werd beantwoord door middel van een Dorpsspiegel en keukentafelgesprekken. De Dorpsspiegel is een schriftelijke vragenlijst, waarbij zowel open als gesloten vragen werden gesteld over verschillende aspecten van het dorp. Tijdens de keukentafelgesprekken zijn in het dorpshuis van Westernieland gesprekken gehouden met ouderen. In totaal hebben 25 ouderen meegedaan. In groepen van 4 tot 6 ouderen werden er vragen gesteld over de zelfredzaamheid, mobiliteit, sociaal netwerk, veiligheid, huisvesting en toegankelijkheid van het dorp. Het antwoord dat gegeven wordt op de hoofdvraag luidt: -
De meeste mensen uit het dorp voelen zich thuis in het dorp. Ze maken nog geen gebruik van mantelzorg, maar willen hun familieleden of buren hiermee ook niet belasten. De meeste ouderen zijn dan ook nog mobiel en maken geen gebruik van hulpmiddelen om te kunnen lopen. - De meeste bewoners hebben geen aanpassingen in hun woning aangebracht. - De meeste ouderen vinden het geen probleem dat winkel- en zorgvoorzieningen uit Westernieland zijn verdwenen. - Door de ouderen wordt de saamhorigheid in het dorp gemist. De oorzaak ligt aan het verdwijnen van winkels, het café en school uit het dorp, volgens de ouderen. - De verkeersveiligheid in het dorp wordt slecht genoemd, en er worden bankjes om uit te rusten gemist in het dorp. ( Eindrapport ‘Het kan in Westernieland’, J. Rozema, 2010). 2.2.12 Domotica Domotica staat voor domus (woning) en telematica. Dit bedrijf zet zich in voor de zelfredzaamheid van ouderen en gehandicapten in Nederland. Met Domotica kan er elektronische communicatie plaatsvinden die nodig is voor zorgverlener en zorgontvanger. Door Domotica worden communiceren, zorgtaken, huishoudelijke bezigheden en ontspanning door elektronische apparaten en netwerken gemakkelijker gemaakt. Voorbeelden hiervan zijn: - Het simpel kunnen bedienen van licht, verwarming en ventilatie door middel van een afstandsbediening. - Gebruik maken van alarmering, beeld telefoneren en dergelijke, waardoor zorgverlener makkelijker kan achterhalen waarom de zorgbehoevende alarmeert. Door gebruik te maken van Domotica, word de zelfredzaamheid van zorgbehoevenden groter. Grote bedrijven die hieraan meewerken zijn Philips en Microsoft. (www.domotica.nl, december 2010)
2.3 Hoofdvraag De onderzoeksvraag in dit rapport luidt: “Hoe zien de inwoners van Houwerzijl hun zelfredzaamheid in 2025? 2.3.1 Deelvragen Bij de hoofdvraag zijn een aantal deelvragen opgesteld die de hoofdvraag verduidelijken. De gevormde deelvragen zijn: -
Wat zijn de opvattingen van ouderen in Houwerzijl over informele zorg?
12
-
In welke mate maken ouderen in Houwerzijl nu of in de toekomst gebruik van informele zorg? In welke mate maken ouderen in Houwerzijl nu of in de toekomst gebruik van persoonsgebonden en woninggebonden hulpmiddelen? Welke bijdrage levert de zelfredzaamheid en de informele zorg van Houwerzijl op voor de leefbaarheid en de identiteit van Houwerzijl?”
2.3.2 Doelstelling Doel van het deelonderzoek ‘zelfredzaamheid’ is het achterhalen van de zelfredzaamheid in het dorp Houwerzijl. Hoe zelfredzaam zijn de ouderen in het dorp? Zijn zij voorbereid op het ouder worden in een vergrijzend dorp? En hoe zij hierop zijn voorbereid? Dit onderzoek moet leiden tot het even van aanbevelingen hoe inwoners van 0Houwerzijl hun zelfredzaamheid van de inwoners kunnen versterken.
3.3 Begripsdefiniëring Ter verduidelijking van een aantal begrippen uit de voorgaande tekst, worden deze toegelicht, zodat begrepen kan worden wat er met deze begrippen wordt bedoeld. Zelfredzaamheid: het zelfstandig kunnen zorgen voor de dagelijkse levensverrichtingen, zoals aankleden, wassen, persoonlijke verzorging. Persoonsgebonden hulpmiddelen: hulpmiddelen die door 1 persoon gebruikt worden, bijvoorbeeld een rolstoel, rollator of wandelstok. Woninggebonden hulpmiddelen: dit zijn hulpmiddelen die zijn gebonden aan een woning. Voorbeelden hiervan zijn een traplift, een douchestoel en een steun bij het toilet.
13
Hoofdstuk 3 Opzet en uitvoering onderzoek 3.1 Onderzoeksontwerp Dit onderzoek is zowel kwalitatief als kwantitatief. Eerst werd er een leefbaarheidscan afgenomen over alle aspecten van de leefomgeving. Dit onderdeel was van kwantitatieve aard. Hierna werden er interviews met de dorpsbewoners afgenomen die te maken hadden met de thema’s uit de leefbaarheidscan. Deze gesprekken waren van kwalitatieve aard. Daarna werd de informatie teruggekoppeld naar de dorpsbewoners via een dorpsbijeenkomst.
3.2 Dataverzamelingsmethoden Tijdens het uitgevoerde onderzoek is gebruik gemaakt van een aantal dataverzamelingsmethoden. 3.2.1 Kwantitatief onderzoek Er is een kwantitatief onderzoek gedaan door middel van de leefbaarheidscan. De uitkomst vertelt iets over de huidige situatie in het dorp. De leefbaarheidscan bevat een aantal thema’s waaronder: wonen, verkeer, voorzieningen, zorg, sociale omgeving, bedrijvigheid, veiligheid, identiteit en evenementen. In het onderzoek zijn zoveel mogelijk gesloten vragen gesteld. Verder bestaat de leefbaarheidscan vooral uit meerkeuze-, mening- en ja/nee-vragen. Het was de bedoeling dat alle dorpsbewoners van twaalf jaar en ouder deze leefbaarheidscan in zouden vullen. Voor kinderen tussen de 6 en 12 jaar oud was er een speciale kinderenquête. Deze enquête richtte zich vooral op het leven als kind in Houwerzijl, met wie spelen kinderen, hoe vinden zij het om naar school te moeten gaan in een ander dorp en doen ze ook aan sport in bijvoorbeeld andere dorpen. Eind oktober zijn de enquêtes verspreid, waarna we in de tweede week van november de enquêtes weer ontvangen hebben. Na het verwerken van de enquête zijn er een aantal opvallende uitkomsten vastgesteld. Deze zijn te lezen in het onderwerp ‘conclusies’, verderop in dit rapport. Van de 230 leefbaarheidscans die verspreid zijn, zijn er 133 terug gekomen. Dit is een respons van 58%. 3.2.2 Kwalitatief onderzoek Na het verwerken van de gegevens uit de leefbaarheidscan is er een kwalitatief onderzoek gedaan, door middel van gesprekken met dorpsbewoners uit Houwerzijl. Na het invullen van de leefbaarheidscan was er de mogelijkheid om aan te geven over welk onderwerp de dorpsbewoners met één van de studenten verder wilden praten. De dorpsbewoners die aangegeven hadden te willen praten over het thema ‘zorg’, zijn benaderd. Hierna is een vragenlijst opgesteld met vragen over de thema’s zorgzaam en zelfredzaamheid. Naast de interviews met dorpsbewoners uit Houwerzijl, is er een interview afgenomen met mevrouw Reinders, beleidsmedewerker op het gebied van gezondheid, zorg en onderwijs. De doelstelling van dit gesprek was het informeren over het huidige beleid en de toekomst van de gemeente De Marne op het gebied van zelfredzaamheid. Tijdens dit gesprek is er gesproken over de seniorenwoningen op dit moment en hoe deze er in de toekomst uit zouden moeten zien, het verlenen van burenzorg in de verschillende dorpen en het ontvangen van Nederlanders uit het westen die moeite hebben met het opbouwen van een sociaal netwerk in het dorp. 3.2.4 Bewonersbijeenkomsten Tijdens het onderzoek waren er twee bewonersbijeenkomsten. De eerste bijeenkomst is georganiseerd op 6 oktober 2010, in de Theefabriek te Houwerzijl. Op deze avond is het onderzoeksplan voor de komende maanden gepresenteerd door middel van een PowerPoint presentatie. Per deelproject werd uitgelegd welke aanleiding, doelstelling en onderzoeksvraag er onderzocht zal worden. Tijdens deze avond waren twintig dorpsbewoners van Houwerzijl aanwezig.
14
Om de uitkomsten van de tot nu toe gevonden resultaten kenbaar te maken aan de dorpsbewoners van Houwerzijl, is er op vrijdag 10 december een tweede bewonersavond georganiseerd in de Ruimtela te Houwerzijl. De dorpsbewoners zijn van tevoren kort geïnformeerd over deze avond door middel van een nieuwsbrief met de daarbij horende uitnodiging. Per deelproject werd de uitkomst gepresenteerd door de daarbij horende student. Na de pauze was er een gelegenheid om de eigen ideeën van de dorpsbewoners de vrije loop te laten. Dit is gedaan door de dorpsbewoners vier grote vellen papier te geven met de daarbij horende vragen over het dorp. Deze vragen luidden: - Wat heeft het dorp in de (nabije) toekomst nodig? - Welke bijdragen kunnen dorpsbewoners leveren? - Met welke organisaties kunnen we samenwerken? - Welke bijzondere inbreng heb ik als bewoner? Hierna werden deze uitkomsten besproken. De uitkomsten zijn verwerkt in het algemene adviesrapport over het dorp Houwerzijl.
3.3 Populatie en respons Met de populatie worden alle inwoners van Houwerzijl bedoeld. In het dorp zijn 258 mensen woonachtig. Dit is de gehele populatie van Houwerzijl. In Houwerzijl zijn 230 mensen boven de 12 jaar. Hiervan zijn 124 mannen (53,9%) en 106 vrouwen (46,1). Van de 230 verspreidde leefbaarheidscannen, zijn er 133 ingevuld. Dit is een respons van 57,8%. In de leeftijd van 6 tot 12 jaar wonen zeventien kinderen in Houwerzijl. Zeven kinderen zijn jongens (41,2%) en tien kinderen zijn meisjes (58,8%). Acht kinderen hebben de leefbaarheidscan voor kinderen ingevuld. Dit is een respons van 47,1%. Het kwalitatieve onderzoek, is uitgevoerd onder acht bewoners uit Houwerzijl, en één interview met een beleidsmedewerker van de gemeente De Marne. Van de acht gesproken bewoners van het dorp, waren vijf vrouwen en drie mannen. Alle gesproken personen waren in de leeftijdscategorie 40+. De hierboven gegeven informatie, maakt duidelijk dat het hele dorp betrokken is bij het onderzoek. Wanneer er in de komende hoofdstukken geschreven wordt over ‘de dorpsbewoners’, wordt hiermee de respons van 133 inwoners bedoeld. Wanneer er gesproken wordt over de geïnterviewden, worden hiermee de acht geïnterviewde dorpsbewoners bedoeld.
3.4 Onderzoeksinstrumenten Tijdens het onderzoek is er gebruik gemaakt van een aantal instrumenten om de benodigde informatie te verzamelen. Deze staan in deze paragraaf beschreven. 3.4.1 De leefbaarheidscan Vanuit de leefbaarheidscan zijn een aantal vragen gesteld die betrekking hebben op het onderwerp ‘de zelfredzaamheid van dorpsbewoners in Houwerzijl’. Een aantal algemene variabelen die voor dit onderzoek van belang zijn: - Leeftijd - Geslacht - Gezinssamenstelling - Aantal jaren in Houwerzijl woonachtig Deze variabelen zijn van belang om te kunnen vergelijken met de vragen die gesteld zijn bij het onderwerp zorg. Bij dit thema bevinden zich een aantal belangrijke variabelen, namelijk: - Zorgbehoevend ja of nee - Gebruik makend van zorgverlening, zowel formele als informele zorg
15
-
Hulp verlenend aan buren of familieleden in het dorp Wat voor hulp er verleend wordt bij informele zorg Woninggebonden aanpassingen Sociale controle onder de buren Persoonsgebonden hulpmiddelen
Van deze variabelen zijn kruistabellen gemaakt. De hieruit verkregen resultaten zijn terug te vinden in het hoofdstuk 4 Resultaten. 3.4.2 De interviews Aan de hand van de leefbaarheidscan is er een vragenlijst opgesteld voor de dorpsbewoners van Houwerzijl. Deze vragenlijst is gebruikt tijdens de gesprekken die gevoerd zijn over het onderwerp zorg. In deze gesprekken is het gesprek gestart met een korte kennismaking. Kennismaking - Naam - Leeftijd - beroep - Heeft u de leefbaarheidscan ingevuld? Na deze kennismaking is er aan de geïnterviewden een stelling voorgelegd. De stelling is gebaseerd op een thema uit de zorg. De geïnterviewden konden op deze stelling reageren, waarna de student verder vroeg door middel van de daarbij behorende vragenlijst. De eerste stelling gaat over buurtzorg, en het contact met de buren. Stelling 1 - Het contact met de buren vind ik zodanig belangrijk dat ik hun om eenmalige of structurele zorg zou vragen, of zorg zou aanbieden. - Burenzorg in het algemeen in Houwerzijl - Contact met de buren - Zou u burenhulp willen verlenen? - Heeft u wel eens burenhulp verleend? De tweede stelling gaat over het onderwerp ‘een vergrijzend dorp’. Wat vinden mensen van een vergrijzend dorp en hebben ze hier moeite mee? Stelling 2 - Ik ben positief over het ouder worden in een vergrijzend dorp - Merkt u hier veel van? - Is het dorp hierdoor veranderd de laatste jaren? - Zou u willen verhuizen? - Zou u uw woning willen aanpassen? Stelling 3 is gericht op kinderen. Deze stelling is niet bij iedere geïnterviewde gebruikt, aangezien de meeste geïnterviewde geen kinderen hebben of hun kinderen niet in Houwerzijl hebben opgevoed. Stelling 3 - Het zorgen voor kinderen is lastig, doordat er weinig voorzieningen voor kinderen aanwezig zijn. - Waar gaan de kinderen naar school? - Past u wel eens op? - Passen de buren wel eens op uw kinderen?
16
Ten slotte zijn er vragen gesteld over de internetsite van Houwerzijl. De internetsite was als onderwerp niet meegenomen in de leefbaarheidscan. In overleg met de Vereniging Dorpsbelangen is toen besloten om dit onderwerp mee te nemen in de gesprekken met dorpsbewoners. Vragen internetsite - Wat vindt u van de internetsite van Houwerzijl? - Maakt u hier wel eens gebruik van? - Wat zou u graag zien veranderen aan de site? De rest van de vragenlijst vindt u in de bijlage 2.
3.5 Dataverzameling en ervaringen. De interviews zijn bij de geïnterviewden thuis afgenomen. Voorafgaand aan het gesprek werd gevraagd of de persoon in kwestie er moeite mee zou hebben als het gesprek opgenomen zou worden. Alle geïnterviewden hebben aangegeven hier geen problemen mee te hebben zolang de opnames niet werden gebruikt voor andere doeleinden. De gesprekken werden af en toe eens onderbroken door een afgaande telefoon of door iemand die onverwachts binnenkwam, maar dit bracht verder geen problemen met zich mee. De gesprekken duurden gemiddeld een uur tot anderhalf uur. De gesprekken zijn gezamenlijk met Ruel Eppink, student Verpleegkunde, afgenomen.
3.6 Analysebeslissingen Voor het uitwerken van de leefbaarheidscan is gebruik gemaakt van het programma SPSS, wat staat voor ‘statistical program for the Social Studies’. Aan de hand van kruistabellen zijn alle uitkomsten van de leefbaarheidscan omgezet in statistieken. Voor de gesprekken en verslaglegging is er gebruik gemaakt van het tekstverwerkingsprogramma Microsoft Word. De presentaties voor de bewonersbijeenkomsten zijn gemaakt in het programma Microsoft PowerPoint.
17
Hoofdstuk 4 Resultaten 4.1 Resultaten leefbaarheidscan en interviews Uit de leefbaarheidscan zijn verschillende resultaten naar voren gekomen. Naast deze resultaten van de leefbaarheidscan, zijn de resultaten uit de gesprekken toegevoegd. Deze resultaten zijn in dit hoofdstuk terug te vinden. In Houwerzijl zijn een aantal mensen zorgbehoevend, in totaal zeven dorpsbewoners. Deze mensen vallen in de categorieën 30 tot en met 80 jaar. Twee respondenten maken gebruik van thuiszorg. Tijdens de gesprekken is er gesproken met één zorgbehoevend persoon. Deze persoon maakt gebruik van mantelzorg.
4.2 Deelvraag: wat zijn de opvattingen over de informele zorg? Uit de leefbaarheidscan blijkt dat 77 respondenten ( 61%) nooit hulp vraagt aan de buurman of buurvrouw. Wanneer er wel om hulp wordt gevraagd, wordt er aan de buren gevraagd of zij zouden kunnen helpen met boodschappen doen, kleine klusjes rondom huis, klein tuinonderhoud of door op te passen op de kinderen of hond. De respondenten tussen de 50 en 70 jaar, vragen vooral hulp bij de boodschappen en respondenten tussen de 30 en 49 jaar vragen voornamelijk hulp bij het oppassen. Tabel 1
Hulp voor buren
Aantal mannen
%
Aantal vrouwen
%
Totaal in %
Boodschappen doen Kleine klusjes in huis Klein tuinonderhoud Oppassen
6 8 5 12
4,7% 6,3% 3,9% 9,5%
7 7 2 13
5,5% 5,5% 1,5% 10,3%
10,2% 11,8% 5,5% 19,8%
( vraag is ingevuld door 126 respondenten).
De hulp die gegeven wordt aan elkaar wordt vaak terugbetaald met een wederdienst. Maar een aantal respondenten geven aan terug te betalen met geld of in natura. Tussen het verlenen van hulp en verlenen van zorg zit een grote lijn. Zo werd tijdens de gesprekken duidelijk dat de dorpsbewoners wel bereid zijn om hulp te verlenen aan hun buren, maar dat zorg te ver gaat. 92 mensen (69,6 %) geeft aan het geen probleem te vinden om boodschappen buiten het dorp te moeten doen. Internet wordt in de leefbaarheidscan door 77,6% (101 respondenten) gezien als een goede oplossing voor een dorp zonder voorzieningen zoals supermarkten en dergelijke. Dit antwoord wordt gegeven door alle leeftijdscategorieën.
4.3 Deelvraag: in welke mate maken zij nu of in de toekomst gebruik van informele zorg? Op de vraag‘levert u zelf ook zorg of hulp?’ geeft een derde van de respondenten aan wel hulp of zorg te verlenen aan familieleden buiten Houwerzijl, geeft 40% aan hulp of zorg te verlenen aan dorpsbewoners en zijn er een aantal respondenten die hulp bieden aan familieleden in Houwerzijl zelf. Deze laatste tabel laat zien dat er meerdere mensen mantelzorgers zijn in het dorp.
18
Tabel 2
Ja aan familieleden in Houwerzijl Ja aan familieleden buiten Houwerzijl Ja aan dorpsbewoners
Ja
%
Nee
%
16 44 52
12,4% 34,1% 40,3%
113 85 77
87,6% 65,9% 59,7%
(vraag is ingevuld door 129 respondenten)
Voor de benodigde hulp van de buren is de onderlinge verstandhouding erg belangrijk. In de bovenstaande tabel staat beschreven dat meer dan de helft een goede verstandhouding heeft met de buren. De sociale controle wordt iets minder belangrijk gevonden. Zo vindt een kwart van de respondenten sociale controle niet belangrijk. Het contact met andere dorpsgenoten is vaak slechter. Vijf van de acht gesproken dorpsbewoners geven aan dat de oorzaak hiervan is: het missen van een dorpshuis of sociale ontmoetingsplek.
Helemaal van toepassing
Enigsinds van toepassing
Nauwelijks van toepassing
Niet van toepassing
Geen mening
Tabel 3
De verstandhouding tussen mij en mijn buren is goed
77 61%
35 28%
5 4%
10 8%
2 2%
Ik vind sociale controle prettig
15 11,9%
52 41,2%
17 13,5%
33 12 26,2% 9,5%
In de gesprekken werd gesproken over de eventuele hulp die aangeboden kan worden via de internetsite Houwerzijl-online.nl. Vier van de acht gesproken dorpsbewoners gaven aan wel wat te zien in een soort online prikbord, waarbij bepaalde diensten aangeboden kunnen worden.
4.4 Deelvraag: In welke mate maken zij nu of in de toekomst gebruik van persoonsgebonden en woninggebonden hulpmiddelen? Uit de leefbaarheidscan blijkt dat er weinig gebruik wordt gemaakt van persoonsgebonden hulpmiddelen. Zo zijn er drie mensen die gebruik maken van een rolstoel, maken de respondenten geen gebruik van rollators en is er één persoon die gebruik maakt van een telefooncirkel. Deze persoon is tussen de 10 en 20 jaar. De respondenten die gebruik maken van een rolstoel zitten in de leeftijdscategorieën 20 tot 30 jaar, 30 tot 40 jaar en 50 tot 60 jaar. De veiligheid van de trottoirs wordt verschillend beoordeeld.
19
Beetje oneens
Oneens
28 21,7%
27 20,9%
29 22,4%
38 7 29,4% 5,4%
120 93%
8 6,2%
1 0,7%
0 0%
Geen mening
Beetje eens
De kwaliteit en begaanbaarheid van de trottoirs in Houwerzijl is goed. Ik voel me veilig in mijn huis
Eens
Tabel 4
0 0%
In de leeftijdscategorie 40 tot en met 60 jaar wordt verschillend gereageerd op deze stelling. 16,2% (21 respondenten) vinden de trottoirs slecht toegangbaar. Slechts tien respondenten (7,7%) vindt de trottoirs goed. Bijna alle respondenten voelen zich veilig in hun woning.
%
3,3% 3,3% 19,3%
Al gebeurd
4 4 23
%
6,7% 5,9% 6,7%
Niet
8 7 8
Misschie n %
%
Badkamer beneden Slaapkamer beneden Drempelvrij maken van de woning
Zeker
Tabel 5
18 52 75
15% 44% 63%
90 55 13
75,0% 46,6% 10,9%
Veel respondenten hebben al aan de toekomst gedacht. Zo heeft drie van de vier mensen een badkamer beneden, hebben bijna de helft van alle respondenten een slaapkamer beneden en heeft een tiende van de bewoners zijn woning al aangepast naar een drempelloze woning. 37 van de 53 respondenten die een slaapkamer beneden hebben, zitten in de leeftijdscategorie 40 jaar en ouder. In de gesprekken kwam naar voren dat vier van de acht gesproken personen hun woning al hebben aangepast met een slaapkamer en badkamer beneden. In de leefbaarheidscan geven een aantal mensen aan binnen nu en een aantal jaren te willen verhuizen. Zij willen bijvoorbeeld verhuizen vanwege de bereikbaarheid van voorzieningen, het zwaarder wordende onderhoud van de tuin of van de woning.
20
Tabel 5
Reden van verhuizen
Ja
Bereikbaarheid 29 voorzieningen Onderhoud van 12 de woning wordt te zwaar Onderhoud van 8 de tuin wordt te zwaar
%
Nee
%
44,6%
36
55,3%
18,4%
53
81,5%
12,3%
57
87,6%
( vraag is ingevuld door 65 respondenten)
Bij ‘bereikbaarheid voorzieningen’ werd er met ja geantwoord door alle leeftijdscategorieën. Bij ‘onderhoud van woning wordt te zwaar’ en ‘onderhoud van de tuin wordt te zwaar’ werd vooral met ja geantwoord door respondenten uit de leeftijdscategorie 50 jaar en ouder. Deze vraag werd ook gesteld tijdens de gesprekken. Vier van de acht geïnterviewden gaven aan dat alleen wanneer het echt nodig is, ze willen verhuizen naar een plek met meer voorzieningen. Verhuizen naar een verpleeg- of verzorgingstehuis wordt door de geïnterviewden zo lang mogelijk uitgesteld.
4.5 Deelvraag: Welke bijdrage levert de zelfredzaamheid en de informele zorg van Houwerzijl op voor de leefbaarheid en de identiteit van Houwerzijl? Uit de leefbaarheidscan blijkt dat de bewoners van Houwerzijl behoorlijk zelfredzaam zijn. Zo gebruiken ze nauwelijks persoonlijke hulpmiddelen en zijn er maar weinig zorgbehoevenden in het dorp. Ook zijn ze op de toekomst voorbereid. Een groot deel van de respondenten gaf aan al verandering aangebracht te hebben in hun woning met een slaapkamer of badkamer beneden. Tijdens de gesprekken kwam het onderwerp ‘een vergrijzend dorp’ aan de orde. Zeven van de acht geïnterviewde bewoners gaven aan het niet lastig te vinden om in een vergrijzend dorp te wonen. Twee personen gaven aan het jammer te vinden dat er weinig kinderen in het dorp aanwezig zijn en dat oudere kinderen wegtrekken naar grotere plaatsen. In het dorp is dus sprake van zowel vergrijzing als van ontgroening. Op de vraag‘ziet u uw eigen zelfredzaamheid veranderen in de komende 15 jaar?’ werd door de mensen met een aangepaste woning over het algemeen met nee geantwoord. Zij zijn al deels voorbereid op de toekomst. Éen persoon wil graag nog een traplift aanbrengen, waarna zij de zelfredzaamheid de komende jaren wel zou zien zitten.
4.6 Expertgesprek mevrouw Reinders Houwerzijl is een zelfredzaam dorp, maar dit hoeft niet te betekenen dat de hele gemeente zelfredzaam is. In het gesprek met mevrouw Reinders gingen we op dit onderwerp in. Op de vraag of zij ook ouderen ziet verhuizen naar dorpen met meer voorzieningen, wordt door mevrouw Reinders geantwoord dat daar eigenlijk weinig zicht op is. De ouderen die graag in het dorp willen blijven wonen, maar er eigenlijk lichamelijk niet toe in staat zijn, zullen toch richting een dorp met voorzieningen moeten verhuizen. De gemeente kan de woning aanpassen op de behoeften van de persoon die woningaanpassingen nodig heeft, maar hier zit een grens aan. Wanneer de bewoner nog
21
meer aanpassingen in de woning nodig heeft, kan het zijn dat de gemeente een verhuisplicht oplegt. Wanneer de gemeente een woning heeft gevonden die beter aansluit op de behoeften van de patiënt, zal deze moeten verhuizen naar deze woning. Op de vraag ‘merkt u ook dat er gebruik gemaakt wordt van burenzorg in de gemeente?’, antwoordt mevrouw Reinders dat de burenzorg zeker aanwezig is. De sociale cohesie is aanwezig, mits je uit het dorp zelf komt. Wanneer iemand vanuit het westen in het dorp is komen wonen, is het opbouwen van een sociaal netwerk vaak lastig. Mevrouw Reinders vertelt verder dat de sociale controle in kleine dorpen vaak meer aanwezig is, maar ze lopen elkaar de deur ook niet plat. Ten slotte komen de seniorenwoningen van de gemeente aan bod. Mevrouw Reinders maakt kenbaar dat de seniorenwoningen in verschillende dorpen achterstallig onderhoud hebben. Zo lopen de seniorenwoningen ongeveer tien jaar achter op hoe de woningen eigenlijk zouden moeten zijn. Door de sloop en woninguitval van ouderenwoningen ontstaat er een scheve verhouding tussen vraag en aanbod in de verschillende dorpen. De gemeente gaat de komende jaren proberen dit op te lossen door meer woningen geschikt te maken voor ouderenhuisvesting, dat kan ook nieuwbouw zijn.
4.7 Hulp via Houwerzijl-online De website van Houwerzijl is niet opgenomen in de leefbaarheidscan. Daarom is er tijdens de gesprekken gevraagd naar de ervaring met de website. Alle gesproken dorpsbewoners gaven aan de website een goed initiatief te vinden. Maar twee mensen gaven aan regelmatig op de site te kijken en zes bewoners gaven aan af en toe eens een blik op de site te werpen. Een aantal geïnterviewden gaven aan dat het een goed idee zou zijn als meerdere mensen de site zouden beheren;op dit moment is er één persoon die de site beheert. Daarnaast kwamen er ideeën over een soort van prikbord voor op de site. Op dit prikbord zouden verschillende diensten aangeboden kunnen worden, bijvoorbeeld het kunnen uitlaten van een huisdier of hulp bieden bij het halen van boodschappen. Ten slotte kwam nog het idee om een announcement in te stellen. Dit houdt in dat er een mailtje verstuurd word naar de bewoners van Houwerzijl, als er iets bijgevoegd of veranderd is aan de site.
22
Hoofdstuk 5 Conclusies Het doel van dit onderzoek was om er achter te komen hoe de zelfredzaamheid in het dorp op dit moment is, en welke informele zorg onderling wordt verleend. Verder was het de bedoeling te bekijken hoe de mensen in Houwerzijl hun toekomst zien in het vergrijzende dorp.
5.1 Houwerzijl 2010: mobiel en zelfredzaam De vergrijzing en ontgroening is in Houwerzijl goed zichtbaar. Ouderen willen graag in het dorp blijven wonen, terwijl de jongeren wegtrekken naar de grotere steden. De mobiliteit van de dorpsbewoners is op dit moment nog in orde. Slechts drie mensen maken gebruik van persoonsgebonden hulpmiddelen. Omdat er geen voedselvoorziening in het dorp aanwezig zijn, moeten mensen hiervoor reizen naar dichtbijgelegen dorpen. Een groot deel van deze mensen geeft aan hier geen moeite mee te hebben.
5.2 Wonen Over blijven wonen in het dorp op een hogere leeftijd wordt verschillend gedacht. Zo is er een aantal mensen die in de komende jaren zouden willen verhuizen naar een dorp met meer voorzieningen. Een aantal mensen boven de 40 jaar geeft aan te willen verhuizen, omdat het werken in de tuin of het onderhoud aan de woning te zwaar wordt. In het gesprek met mevrouw Reinders komt naar voren dat de ouderen en zieken zoveel mogelijk thuis willen blijven wonen. Wanneer dit niet meer mogelijk is, zou een inwoner moeten verhuizen naar een woning die wel aangepast is op de lichamelijke toestand van deze persoon. De mensen die in het dorp willen blijven wonen, zijn redelijk voorbereid op het ouder worden in Houwerzijl. Zo hebben drie van de vier mensen al een slaapkamer beneden en hebben bijna de helft van alle respondenten een badkamer beneden. Voor een aantal respondenten is een woning met drempels ook verleden tijd. Het wonen in een vergrijzend dorp wordt niet als een probleem gezien. Een aantal respondenten geven aan zo lang mogelijk in hun woning te willen blijven wonen. Het verhuizen naar een verpleegof verzorgingstehuis wordt dan ook zo lang mogelijk uitgesteld. Al deze resultaten betekenen dat de bewoners van Houwerzijl vooruit kijken en voorbereid zijn op de toekomst.
5.3 Informele zorg Van informele zorg is zeker sprake in Houwerzijl. Uit de leefbaarheidscan blijkt dat 40% hulp biedt aan een buurman of buurvrouw. Dit wordt gedaan door middel van verschillende bezigheden rondom of in huis. De hulp die aangeboden is, wordt vaak terugbetaald door middel van een wederdienst. Weinig mensen betalen terug met geld of in natura. Wanneer er hulp verleend wordt moet het blijven bij hulp, zorg voor de buren gaat te ver. Ondanks de 40 % van de respondenten die hulp aanbiedt, kan er uit de leefbaarheidscan opgemaakt worden dat er goed contact is tussen de buren. Ook uit de gesprekken blijkt dat het contact met de buren vaak in orde is. Contact met andere dorpsgenoten is vaak slechter. Hiervoor wordt het ontbreken van een ontmoetingsplek als oorzaak genoemd. Ook is er in Houwerzijl sprake van mantelzorg. Tijdens de gesprekken is er gesproken met één persoon die verzorgd werd. Uit de leefbaarheidscan bleek dat meerdere mensen hun familieleden zorg of hulp verlenen. In totaal zijn dat 16 mensen. Conclusie: burenzorg is zeker een onderwerp wat past bij Houwerzijl. Wanneer dit uitgebreid wordt met bijvoorbeeld een online prikbord, zou dit dit de zelfredzaamheid in Houwerzijl kunnen versterken.
23
5.4 Veiligheid Over de veiligheid van de trottoirs wordt verschillend gedacht. De ene helft van de respondenten vind het veilig, terwijl de andere helft de trottoirs niet veilig vindt. Over de veiligheid in het huis zijn bijna alle respondenten het eens. In huis is het veilig. Uit deze resultaten kunnen we concluderen dat Houwerzijl een dorp is waar je redelijk veilig oud kunt worden.
5.5 De zelfredzaamheid als identiteit van Houwerzijl De inwoners van Houwerzijl zijn in hoge mate zelfredzaam. Er zijn weinig zorgbehoevenden, er wordt bijna geen gebruik gemaakt van zorginstellingen en er wordt onderling hulp geboden en gegeven door middel van burenhulp. Dit betekent dat wanneer de vraag gesteld wordt ‘Is Houwerzijl een zelfredzaam dorp?’, dat deze vraag volmondig met een JA beantwoord kan worden. De identiteit van Houwerzijl is daarom een zelfredzaam dorp.
24
Hoofdstuk 6 Aanbevelingen 6.1 Informele zorg Zoals in onderstaande tabel al is te zien, zijn de verschillende soorten informele zorg goed vertegenwoordigd in het dorp. Vooral burenhulp wordt al redelijk goed gebruikt. Op dit moment vindt er echter ontgroening plaats in het dorp Houwerzijl. Dit betekent dat mantelzorg een steeds kleinere rol in het dorp zal gaan spelen. Als er geen jonge mensen meer in Houwerzijl zijn die voor hun familieleden kunnen gaan zorgen, dan zal een beroep op de formele zorg, bijvoorbeeld thuiszorg eerder aan de orde zijn. Maar door zorg aan de buren te verlenen, kan de hulp die gegeven wordt door familieleden deels opgevangen worden door buren. Buren geven wel aan, geen zorg (wassen, aankleden, etc.) te willen verlenen. Het is daarom erg belangrijk dat de bewoners van Houwerzijl blijven werken aan sociale verbondenheid en aan goede onderlinge relaties. Goede relaties zijn essentieel om burenhulp te kunnen verlenen. Zelfzorg Mantelzorg : Vrijwilligershulp Burenhulp
++ ontvangen Verlenen ontvangen Verlenen ontvangen Verlenen
+ + + +
6.2 Interactieve website Houwerzijl-online De site Houwerzijl-online.nl is een website die door bijna alle dorpsbewoners gebruikt wordt. Deze (of een andere) site zou kunnen dienen als prikbord voor het aanbieden van hulp en diensten. Voorbeelden hiervan kunnen zijn: het aanbieden van het doen van boodschappen, een hond uitlaten of een middagje schoonmaken. Wanneer er een hulp of dienst aangeboden wordt op de site, krijgen de mensen die lid zijn van de site een mail met daarin een announcement. Hierin staat beschreven wat voor hulp of dienst er aangeboden wordt. Hierdoor wordt de website interactief, mensen kunnen contact met elkaar zoeken en hulp bieden aan elkaar. Dit zorgt voor een grotere zelfredzaamheid in de toekomst.
6.3 Domotica De zelfredzaamheid in Houwerzijl is behoorlijk goed, maar er komt een tijd dat een oudere meer hulp nodig zal gaan hebben. Dan is Domotica een goede oplossing. Door Domotica te introduceren in woningen van ouderen, kan de zelfredzaamheid bevorderd worden en vergroot dit het wooncomfort en woonplezier. Daarnaast heeft Domotica ook een goed alarmeringssysteem. Wanneer de zorgvrager hulp nodig heeft en alarmeert, kan bij iemand uit het dorp het alarm af gaan. Door dit systeem in te voeren, zou er sneller hulp vanuit het dorp geboden kunnen worden.
25
Literatuur Boeken Renkema, A., Scholtens J. en Zijlstra, Y. (1997) Houwerzijl, een dorp in De Marne. Bedum, Profiel Uitgeverij. Internet Houwerzijl (2010) Geraadpleegd op 15 december 2010 http://houwerzijl-online.nl/bewoners.html infonu (2010) semimurale zorg Geraadpleegd op 10 januari 2011 http://mens-en-samenleving.infonu.nl/sociaal/2737-ambulante-semimurale-en-intramuralezorg.html De Marne (2010) bevolkingskrimp Geraadpleegd op 10 januari 2011 www.demarne.nl Provincie Groningen (2010) krimp Geraadpleegd op 27 december 2010 http://www.Provinciegroningen.nl/actueel/dossiers/krimp/ Nationale raad voor de Gezondheid (2010) definitie mantelzorg Geraadpleegd op 11 januari 2011 http://www.mezzo.nl/definitie_mantelzorg Domotica (2010) Geraadpleegd op 11 januari 2011 http://www.domotica.nl/domotica.php Rapporten Buiter, O., J. Rozema (2011). Leven in Houwerzijl. Onderzoek naar de ervaren kwaliteit van de leefomgeving. Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling NoorderRuimte, Hanzehogeschool Groningen. Rozema, J. (2010) Het kán in Westernieland! Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling NoorderRuimte, Hanzehogeschool Groningen. Rozema, J., O. Buiter, A. van den Berg (2011). Samen mooi wonen in Houwerzijl. Adviezen voor Houwerzijl 2025. Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling NoorderRuimte, Hanzehogeschool Groningen.
26