Ondernemen in Flevoland Visie van LTO Noord op de land- en tuinbouw in Flevoland
Ondernemen in Flevoland LTO Noord presenteert een eigen visie op de agrarische sector in Flevoland. Ondernemen in Flevoland, dat is voor ons de kern. Vrijheid en eigen ondernemerschap zijn belangrijk, want een ondernemer moet zijn eigen keuzes kunnen maken om het bedrijf gezond en succesvol te houden. Tegelijk is ieder bedrijf onderdeel van de maatschappij, van de sociale en fysieke omgeving. We produceren voor de markt, op een manier waarop niet alleen onze afnemers, maar ook onze omgeving tevreden is. Deze visie is bedoeld om te laten zien wie we zijn en wat we doen. In woorden, in cijfers en in beelden schetsen we de agrarische provincie die Flevoland is. Vervolgens richten we de blik op de toekomst. We schetsen onze ambitie voor 2020 en benoemen concrete aandachtspunten waaraan we gaan werken, samen met onze buren, onze afnemers, partners, overheden en andere betrokkenen in Flevoland. We zijn trots op wat we doen en daar willen we u graag deelgenoot van maken. Arnold Michielsen Provinciaal voorzitter
LTO Noord Land- en Tuinbouw Organisatie Noord (LTO Noord) is de organisatie van en voor agrarische ondernemers. De Vereniging LTO Noord zet zich in voor een sterke economische en maatschappelijke positie van haar leden en doet dit door het bevorderen van passende randvoorwaarden voor het agrarisch ondernemerschap. Twee derde van de ruim 1800 boeren en tuinders in Flevoland is lid van onze organisatie.
Flevoland is agrarisch topgebied Flevoland is een op en top agrarische provincie: drooggemaakt om voedsel te produceren en ruimte te bieden aan ondernemers in de land- en tuinbouw. Later zijn daar andere doelstellingen aan toegevoegd, zoals woningbouw en natuur. Dit neemt niet weg dat de agrarische sector nog steeds veruit de grootste grondgebruiker in Flevoland is. In economisch opzicht is de agrarische sector in Flevoland van groter gewicht dan elders: gemiddeld 5% van de werkgelegenheid en 4% van de toegevoegde waarde komt uit de agrarische sector. En in de gemeenten Noordoostpolder, Dronten en Zeewolde ligt dit percentage aanzienlijk hoger. De productiewaarde in Flevoland is meer dan een miljard euro
en de bruto toegevoegde waarde bijna 400 miljoen euro. Een belangrijk deel hiervan wordt direct in Flevoland besteed. Onze ondernemers zijn belangrijke consumenten en afnemers van diensten in Flevoland. Flevoland telt ruim 1800 agrarische bedrijven. Driekwart van de bedrijven heeft akkerbouw als belangrijkste activiteit. Aardappelen, granen, suikerbieten en groenten zijn beeldbepalend. Daarnaast zijn vrijwel alle agrarische sectoren in Flevoland aanwezig, waaronder de melkveehouderij, fruitteelt, bollenteelt en glastuinbouw. De grond wordt zeer efficiënt gebruikt, met een hoge opbrengst.
Agrarisch grondgebruik (CBS 2011)
%
Grondgebruik Flevoland (CBS 2008)
%
Aardappelen
22
Agrarisch
68
Granen
20
Natuur
15
Suikerbieten
11
Binnenwater
4
Groenten
21
Verkeer
2
Grasland
14
Recreatie
3
Bloembollen
4
Woningen
4
Fruit
2
Bedrijven
1
Overig
6
Overig bebouwd
3
100
100
Flevoland behoort bij de beste landbouwgebieden ter wereld: zeer vruchtbare grond, goede ontwatering, rechte kavels en daardoor een hoog opbrengend vermogen. Een andere belangrijke succesfactor voor de agrarische sector in Flevoland is de hoge kwaliteit van de ondernemers. De boeren en tuinders (of hun ouders) hebben allemaal de stap gemaakt om vanuit een andere plek in Nederland naar Flevoland te gaan, om hier een bedrijf te starten of voort te zetten. We zijn echte ondernemers: initiatiefrijk en altijd alert op nieuwe kansen in de markt. Als grootste grondgebruiker is de agrarische sector niet alleen producent van voedsel en andere producten, maar ook beheerder van het landschap. Een uniek landschap, nergens anders op deze manier te vinden. Op een luchtfoto is het direct te zien, maar ook met beide benen op de grond: kaarsrechte percelen, met een veelkleurig palet aan gewassen. De weidsheid en openheid van de polder blijven in stand dankzij het landbouwkundig beheer.
Van Flevoland naar de hele wereld In Flevoland ligt 4,6% van de totale Nederlandse landbouwgrond. Op wereldschaal is dat niet meer dan een druppel op de gloeiende plaat. Maar wel een heel belangrijke druppel! Een sprekend voorbeeld hierbij is de pootaardappelteelt. Ruim 500 Flevolandse akkerbouwbedrijven zijn hierin gespecialiseerd en hun pootgoed gaat de hele wereld over. Ook de bollenteelt kent een grote internationale afzetmarkt. De concurrentiepositie wordt dus niet bepaald door de bulk, maar door het specialisme. De ideale productieomstandigheden in combinatie met het vakmanschap en de aanwezige kennis maken Flevoland tot een sterk agrarisch gebied, met een voorlopersfunctie waar de voedselvoorziening in de hele wereld van profiteert. Het Flevolandse uitgangsmateriaal is de basis voor voedselproductie in vele landen.
tijd, maar vooral om het in stand houden van een blijvend rendabele onderneming. De mogelijkheden op de markt zijn daarbij in grote mate bepalend. Flevolandse ondernemers willen daar graag hun eigen keuzes in maken. Voor de één zal het betekenen dat hij zich verder specialiseert en nieuwe markten aan de andere kant van de wereld aanboort. Een ander zal kiezen voor verbreding van activiteiten op een lokale markt. LTO Noord wil beide richtingen volop de ruimte geven, want ze zijn beide nodig voor een blijvend sterke positie van de agrarische sector in Flevoland.
Onze ambitie voor 2020 Flevoland is een vooraanstaand en modern landbouwgebied. Die positie willen we behouden en versterken. Daarvoor moeten we innovatief en vooruitstrevend ondernemen. Daarbij moeten we de unieke kwaliteiten van Flevoland benutten: de grootschaligheid, de vruchtbare bodem, de aanwezigheid van kennisinstellingen, het vakmanschap en de pioniersgeest van ondernemers. LTO Noord wil individuele ondernemers verbinden, met elkaar en met de omgeving. Onze ambitie voor 2020 is: vrijheid voor zelfstandige ondernemers, in verbinding met onze omgeving en in harmonie met natuur en milieu. Deze ambitie wordt hieronder kort neergezet en vervolgens in acht thema’s verder beschreven: produceren voor de markt, kennis en innovatie op hoog niveau, kringlopen creëren, energie produceren, verbinden met buren en consumenten, uniek landschap in ontwikkeling, bloeiende natuur en veilig en verantwoord werken. Vrijheid voor zelfstandige ondernemers… Voor een ondernemer telt als eerste dat er geld verdiend moet worden. Daarbij gaat het in de agrarische sector niet om grote winst in een korte
… in verbinding met onze omgeving … Een goede ondernemer is zich bewust van zijn directe omgeving. De mogelijkheid om het bedrijf verder te ontwikkelen, hangt samen met de ruimte en acceptatie die de omgeving biedt. Een deel van de bedrijven kiest voor een strategie die leidt tot schaalvergroting of het starten van nieuwe activiteiten op het bedrijf. LTO Noord zet zich als belangenbehartiger in voor ruim en flexibel beleid, zodat de ondernemer zijn keuzes kan maken en uitvoeren. Aan de ondernemer zelf is het om ook eigen initiatief te nemen. Hij moet zorgen voor goede communicatie met de buurt, om daar draagvlak voor zijn plannen te verwerven. En de onder-
Schaalvergroting Het aantal bedrijven is in de afgelopen 10 jaar met ongeveer 18% afgenomen (van 2276 in 2001 naar 1859 in 2011). Aangezien de totale oppervlakte landbouwgrond nauwelijks daalt, vindt er dus schaalvergroting plaats, al is deze trend minder sterk dan elders in Nederland. Binnen Flevoland is het belangrijkste verschil dat de gemiddelde bedrijfsgrootte in de Noordoostpolder aanzienlijk lager is dan in Oostelijk en Zuidelijk Flevoland. De verklaring ligt in de geschiedenis van de inpoldering. In de Noordoostpolder werden na de drooglegging in 1942 bedrijven van 12 en 24 hectare uitgegeven, in Oostelijk Flevoland (1957) was de omvang al groter en in Zuidelijk Flevoland (vanaf 1968) ging het om bedrijven van 40 tot 60 hectare.
nemer is er zelf verantwoordelijk voor dat het bedrijf er goed uitziet, in harmonie met het landschap en de natuurlijke omgeving. Naast de directe omgeving van het bedrijf willen we ook verbinding zoeken met de inwoners in de rest van Flevoland. Zij horen ook bij de omgeving van de agrarische ondernemer. De consumenten, kiezers en bestuurders zijn mede bepalend voor de ruimte die de agrarische sector krijgt. LTO Noord wil stimuleren dat bedrijven zich openstellen, laten zien wat ze doen. We doen het goed, we hebben geen geheimen, kom kijken! … en in harmonie met natuur en milieu. De land- en tuinbouw is onlosmakelijk verbonden met de natuur en het milieu. We werken in de natuur en met natuurlijke processen. In
Flevoland is de uitgangspositie nog steeds erg gunstig. De vruchtbare bodem en de beschikbaarheid van voldoende en kwalitatief goed water bepalen in grote mate het succes van de sector in Flevoland. Nu is het de kunst om de voorsprong vast te houden. We moeten ons aanpassen aan klimaatverandering en we moeten investeren om bodem en waterhuishouding in optimale conditie te houden. Daarbij zorgen we goed voor onze producten en productiemiddelen. We willen veilig en verantwoord voedsel leveren, op een manier waar wij zelf en de maatschappij achter kunnen staan. Daarom gaan we zorgvuldig om met de bodem, met het water en met onze dieren.
Aantal bedrijven (CBS 2011)
Flevoland
Noordoostpolder (incl. Urk)
Oostelijk Flevo- Zuidelijk Flevoland (Dronten land (Zeewolde + Lelystad) + Almere)
Aantal bedrijven totaal
1859
951
587
321
Akkerbouw
1431
763
480
188
Vollegrondsgroenten
1203
649
403
151
Bloembollen
183
139
21
23
Boomkwekerij
60
37
20
3
125
38
59
28
Fruitteelt
99
40
43
16
Glastuinbouw
79
40
4
35
Melkvee
297
115
74
108
Schapen
97
49
30
18
Tuinbouwgroenten
Geiten
38
19
14
5
118
43
47
28
Vleeskalveren
11
6
4
1
Varkens
43
28
14
1
Kippen
67
23
36
8
Slachteenden
13
0
10
3
Paarden en pony’s
Produceren voor de markt De meeste Flevolandse boeren en tuinders produceren voor de wereldmarkt. Daar zijn we erg goed in, onze bedrijven zijn technologisch modern en efficiënt. We verhandelen de producten zelf of via coöperaties over de hele wereld. Vanuit de hele wereld komen collega’s kijken hoe wij het doen. Een aantal bedrijven is uitgegroeid tot toonaangevende multinationals. Tegelijk zijn er ondernemers die zich richten op regionale en lokale markten. Ook daar ligt de lat hoog. Met veel creativiteit lukt het om een goed en winstgevend product af te leveren. Produceren voor de markt betekent dat je niet stil kunt blijven zitten. Een ondernemer moet zich met zijn aanbod voortdurend aanpassen aan de vraag. In Flevoland zijn we gewend het in belangrijke mate zonder steun vanuit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid te doen, we produceren vooral ‘vrije producten’. LTO Noord wil de mogelijkheden in de nieuwe GLB-periode in Flevoland vooral inzetten om verder te innoveren. Dat is nodig om in te spelen op nieuwe marktomstandigheden en de scherpere randvoorwaarden van afnemers en overheden.
Wij streven naar eerlijke concurrentie op een zo gelijk mogelijk speelveld, als het kan wereldwijd. Flevoland heeft weliswaar fysieke voordelen, zoals vruchtbare bodem en efficiënte verkaveling, daar tegenover staan enkele belangrijke nadelen. De kostprijs is hoog, onder andere door hoge kosten voor arbeid, brandstof en grondstoffen en door de hoge grondprijs. Ondernemers blijven op zoek naar mogelijkheden om de kosten te verlagen en toegevoegde waarde te verhogen. Op bedrijfsniveau komt dit in de eerste plaats tot uitdrukking in schaalvergroting, waardoor de vaste kosten over een groter productievolume worden verdeeld. Een andere lijn is het investeren in bewerking en bewaring, waardoor letterlijk waarde aan de producten wordt toegevoegd. Daarnaast willen we samenwerking in de keten stimuleren, omdat ook daar winst is te behalen.
Water De beschikbaarheid van voldoende water met de juiste kwaliteit is belangrijk voor de concurrentiepositie van Flevoland. Er liggen grote uitdagingen om het waterbeheer op lange termijn op orde te houden. Door klimaatverandering en bodemdaling zullen de omstandigheden veranderen. LTO Noord wil samen met het waterschap en andere overheden werken aan een toekomstbestendig watersysteem, waarbij de agrarische sector goed wordt bediend en zo zuinig en slim mogelijk omgaat met het beschikbare water.
Kennis en innovatie op hoog niveau Samen met de instellingen voor onderzoek en onderwijs hebben we een sterk agrarisch cluster in Flevoland. Kennis is een belangrijk exportproduct en onmisbaar voor onze eigen ondernemers. Wij zetten ons in voor behoud van agrarisch onderwijs en onderzoek in Flevoland. In de komende jaren willen we de samenwerking en uitwisseling versterken. Er is kruisbestuiving nodig tussen ondernemers en onderzoekers om enerzijds te zorgen dat bedrijven een volgende stap zetten op de innovatieladder en anderzijds te zorgen dat onderzoeksresultaten bruikbaar worden gemaakt voor de praktijk.
Naast uitwisseling binnen het agrarische cluster willen we ook over de grenzen naar andere sectoren kijken. Voor toepassing van nieuwe technieken zoeken we samenwerking met bedrijven en instellingen in de technologie, die voor een deel ook in Flevoland aanwezig zijn. Kennis op bedrijfsniveau betekent: ondernemerschap en vakmanschap. Hiervoor is het noodzakelijk dat het onderwijs op MBO- en HBO-instellingen niveau wordt verbeterd en dat er voldoende scholieren gebruik van maken. Wij willen stimuleren dat ondernemers hun bedrijf openstellen, zodat scholieren enthousiast worden voor agrarische en technische opleidingen en de nodige praktijkkennis opdoen.
Wij geloven in de kracht van samenwerking tussen ondernemers, overheid, onderzoek en onderwijs. Er liggen goede plannen op de plank en er lopen veel mensen rond met telkens weer nieuwe ideeën. Als dit goed wordt opgepakt, kunnen we een belangrijke slag slaan in het behouden en versterken van Flevoland als toonaangevende agrarische provincie. LTO Noord wil sterke samenhangende programma’s voor Flevoland ontwikkelen en daarmee aansluiten bij nationale en Europese fondsen. Uiteraard lukt dat alleen als we goed samenwerken en ook andere partijen durven te investeren in het neerzetten van een goede projectorganisatie, zodat krachten worden gebundeld.
Onderzoek en onderwijs Verspreid over Flevoland zijn belangrijke instellingen voor agrarisch onderzoek en onderwijs gevestigd. De universiteit van Wageningen heeft in Lelystad een aantal onderzoeklocaties, onder andere voor akkerbouw en duurzame energie. In Dronten en Almere scholen voor hoger onderwijs aanwezig en onder andere in Emmeloord het middelbaar onderwijs. Flevoland heeft hiermee veel mogelijkheden om kennis en praktijk met elkaar te verbinden.
Kringlopen creëren Goede benutting van grondstoffen en mineralen is een belangrijke uitdaging. Vele kringlopen grijpen in elkaar, mondiaal, regionaal en op het eigen bedrijf. LTO Noord wil bevorderen dat waar mogelijk de schakels beter op elkaar aansluiten, zodat onnodige verspilling wordt voorkomen en kosten voor bijvoorbeeld transport naar beneden kunnen. De kringloop in de vorm van samenwerking tussen bedrijven is sterk, vooral in de Flevolandse akkerbouw. Er is een goede traditie waarbij gronden worden geruild ten behoeve van specifieke teelten zoals bloembollen en pootaardappelen. Er zijn kansen om de samenwerking verder uit te bouwen naar uitwisseling van grondstoffen, meststoffen en energie. Bijzonder punt van aandacht voor Flevoland is de bodemkwaliteit. De zeebodem is erg vruchtbaar, maar het is geen automatisme dat het zo blijft. De weerbaarheid en bewerkbaarheid nemen af door daling van de hoeveelheid organische stof. Daarbij is het opbrengend vermogen zo hoog, dat verarming van de bodem altijd op de loer ligt. Het is nodig om de grond optimaal te bewerken en te bemesten en met de juiste wisseling van gewassen de nodige rust in te bouwen. LTO Noord pleit voor meer ruimte om de mineralen die bij de oogst van het land komen via bemesting weer aan te vullen. Flevoland kan met de gemiddelde landelijke normen niet uit de voeten. Ook willen we werken aan verdere raffinage van meststoffen, zodat deze nog meer doelgericht kunnen worden aangewend en benut. De hoeveelheid dierlijke mest die in Flevoland wordt geproduceerd, is nog altijd fors lager dan de benodigde hoeveelheid mest. In dit verband is het nuttig dat ondernemers de mogelijkheid hebben om een nieuwe veehouderij-activiteit te starten. Om dit voldoende kansrijk en rendabel te laten zijn wil LTO Noord hieraan geen strakke normen verbinden, maar wel de voorwaarde hanteren dat deze activiteit onderdeel is van een grondgebonden bedrijf.
Biologisch In Flevoland zijn relatief veel agrarische bedrijven biologisch gecertificeerd en er zijn ieder jaar ondernemers die de overstap maken. De natuurlijke omstandigheden maken dit mogelijk en de biologische sector is hier van oudsher sterk vertegenwoordigd. De biologische sector loopt voorop in het creëren van kringlopen en het versterken van natuurlijke processen. De productiekosten zijn doorgaans hoger, onder andere door de inzet van meer arbeid. Daar staat tegenover dat biologische producten een eigen afzetkanaal hebben. Bij een belangrijk deel van de bevolking draagt biologische productie positief bij aan de waardering van de agrarische sector. LTO Noord wil de dialoog tussen biologische en andere sectoren versterken, zodat deze elkaar nog beter aanvullen en versterken.
Energie produceren De land- en tuinbouw maken de omslag van energiegebruiker naar energieproducent. Onze ambitie is dat de sector als geheel in 2020 meer energie produceert dan verbruikt. Daarmee bewijzen we in de eerste plaats de samenleving een belangrijke dienst, omdat we in staat zijn op een schone en efficiënte wijze te produceren. Daarnaast is het voor bedrijven van levensbelang om de energiekosten in de hand te houden. Vooral in de glastuinbouw worden enorme sprongen gemaakt, door middel van warmtekrachtinstallaties en het gebruik van aardwarmte.
In de veehouderij wordt gebruik gemaakt van vergistingsinstallaties, die mest en ander organisch materiaal omzetten in energie. Deze technieken worden steeds verder verfijnd, zodat er hoogwaardig gas en bruikbare restproducten uit de installatie komen. Flevoland loopt voorop met windenergie, er staan circa 600 molens. Het grootste deel wordt door agrarische ondernemers geëxploiteerd. Op dit moment wordt gewerkt aan plannen om met een gebiedsgerichte
aanpak te komen tot verdere ontwikkeling, waarbij het aantal molens halveert en het vermogen meer dan verdubbelt. LTO Noord ondersteunt deze ontwikkeling en vindt het daarbij cruciaal dat agrarische ondernemers kunnen blijven participeren. Windenergie draagt bij aan duurzame ontwikkeling van de sector. Voor ondernemers biedt het de mogelijkheid om met deze winstgevende en stabiele poot het hele bedrijf te versterken.
Daarnaast maken steeds meer ondernemers de keuze voor zonne-energie. LTO Noord stimuleert deze ontwikkelingen, onder andere via projecten voor collectieve inkoop van zonnecollectoren. Daarnaast hebben wij andere partijen nodig om de ambitie voor 2020 te kunnen halen. Cruciale factor hierin is het overheidsbeleid. Wat we nodig hebben is continuïteit in de hoogte en voorwaarden van subsidies en flexibiliteit om in te spelen op nieuwe technieken en inzichten.
Verbinden met buren en consumenten Voor veel mensen is de land- en tuinbouw op grote afstand gekomen, letterlijk en figuurlijk. Twee derde van de Flevolandse bevolking woont in Almere en Lelystad en daarbuiten wonen de meeste mensen in de grotere dorpen. LTO Noord wil graag bevorderen dat de verbinding tussen producent en consument wordt hersteld, dat mensen weer weten waar hun voedsel vandaan komt en begrijpen wat boeren en tuinders beweegt. Onze eerste ambitie is dat we nog meer en nog beter laten zien wat we doen. LTO Noord is actief betrokken bij activiteiten zoals fietsroutes, ‘Kom in de kas’ en de verlichte boerderijenroute. Wij willen deze initiatieven verder uitbouwen en onze leden stimuleren om mee te doen en ook zelf de handschoen op te pakken. Een andere manier om de verbinding te leggen is door producten te verhandelen via de lokale en regionale markt. Steeds meer ondernemers zien kansen op deze markt, bijvoorbeeld door tuinbouwproducten rechtstreeks van het eigen erf te verkopen, of aan een lokale winkel te leveren. Ook de horeca werkt steeds meer met streekproducten. Hierdoor krijgt de consument een vers product, waarbij zichtbaar is waar het vandaan komt en hoe het is gemaakt. De kunst is om hier een winstgevend systeem van te maken. Tegenover voordelen (zoals vermindering van het aantal schakels in de distributieketen) staan nadelen zoals de arbeidsintensieve en kleinschalige werkwijze. Wij zien kansen voor efficiency, bijvoorbeeld door gezamenlijke organisatie en promotie van verswinkels.
Daarnaast blijft het nodig dat de consument de meerwaarde van lokale producten niet alleen ziet en proeft, maar ook bereid is daar voor te betalen. LTO Noord is voorstander voor verdere ontwikkeling van stadslandbouw. Daarbij denken we aan een serieuze bedrijfstak met voldoende schaal en oppervlakte in de directe omgeving van Almere en Lelystad. Als lokale voedselproductie gekoppeld wordt aan lokale kringlopen van grondstoffen en energie, ontstaat een interessant concept, dat bijvoorbeeld met het label ‘local 4 local’ kan worden vermarkt.
Floriade De wereldtentoonstelling Floriade wordt in 2022 in Almere gehouden. LTO Noord ziet dit als een unieke kans om stad en land in Flevoland met elkaar te verbinden. Tien jaar lang kunnen we met elkaar werken aan ontwikkelingen en innovaties die uiteindelijk in 2022 laten zien hoe de tuinbouw bijdraagt aan voedsel, energie, groen en gezondheid voor de stedelijke wereldbevolking. Flevoland heeft de ruimte om te experimenteren met innovaties en deze grootschalig toe te passen.
Uniek landschap in ontwikkeling Het landelijk gebied van Flevoland is gemaakt op de tekentafel en bestaat uit rechte lijnen en ruime vergezichten. Boerderijen met singels en wegen met bomenrijen zijn beeldbepalend. Wij waarderen dit unieke landschap en voelen ons er verantwoordelijk voor. We zien dat de aanblik van het landschap verandert door schaalvergroting in de landbouw en door toename van andere functies, zoals verkeer en burgerbewoning. De ontwikkeling op zich is niet tegen te houden en noodzakelijk om het gebied levendig te houden. Met goede inpassing is er veel mogelijk. Een deel van de agrarische bedrijven heeft behoefte aan meer ruimte op het erf, voor bijvoorbeeld het bouwen van een extra bewaarschuur, energievoorziening of een stal. De uitdaging is om de ontwikkeling passend te maken in het bestaande landschap. Dit begint met goed nadenken over vorm en inrichting en met het voeren van gesprekken met de directe omgeving. Hier ligt een belangrijke verantwoordelijkheid voor iedere ondernemer. Het kan per situatie verschillen wat passend is, maar enkele algemene richtlijnen zijn wel te geven. Een bouwblok van drie hectare (inclusief verharding, singels en sloten) is een goede standaard. Te veel indikken op een bedrijf is niet wenselijk, want een ruim erf met een logische indeling is voordelig voor de logistiek en ziet er doorgaans beter uit. LTO Noord vindt dat de aanplant van bomen onlosmakelijk verbonden moet zijn met de planvorming. Agrarische erven in Flevoland horen in het groen te staan en op een erf met groen is het prettig om te leven
en te werken. Bij de uitvoering spelen praktische omstandigheden ook een rol, zoals ventilatie van stallen, maar in goed overleg is dat op te lossen. Voor een enkel bedrijf dat meer ruimte dan drie hectare vraagt, is het redelijk om een aparte procedure te voeren en maatwerk te leveren. Tegelijkertijd zijn er erven die hun agrarische functie verliezen. De kunst is om hiervoor een passende nieuwe bestemming te vinden, zodat waardedaling, onverkoopbaarheid en verpaupering worden voorkomen. LTO Noord is voorstander van alternatieve bestemmingen binnen de bestaande bebouwing, mits geregeld wordt dat dit de ontwikkelruimte voor omliggende agrarische bedrijven niet beperkt. Behoud van één woonbestemming per erf heeft daarbij onze voorkeur.
Bloeiende natuur Boeren en tuinders leven en werken in een natuurlijke omgeving en met natuurlijke processen: de levenscyclus van planten en dieren. Het weer is onvoorspelbaar en zelfs een sterk geautomatiseerde kas is afhankelijk van de zon. We voelen ons natuurbeheerder, al wordt dat vaak anders gezien. Een toenemend aantal ondernemers besteedt bovendien aparte zorg aan de natuur en verbetering van biodiversiteit. Een mooi voorbeeld is de aanleg van akkerranden, die functioneel zijn voor het bestrijden van ziektes en plagen in akkerbouwgewassen. Daarnaast zijn deze randen positief voor de waterkwaliteit, vogels en het landschap. Deze vorm van agrarisch natuurbeheer is in de afgelopen jaren goed van de grond gekomen in Flevoland. Een andere ontwikkeling is de groei van de collectieve aanpak. Ondernemers verenigen zich in
agrarische natuurverenigingen en er wordt samengewerkt met overheden en andere organisaties. In de afgelopen jaren zijn sterke collectieven gevormd, die zich steeds verder professionaliseren. LTO Noord stimuleert deze ontwikkelingen. De uitdaging voor Flevoland is om natuurontwikkeling verder te integreren met de economische activiteiten op het agrarisch bedrijf. In Flevoland zal dit niet gemakkelijk zijn, vanwege de hoge grondprijzen en de hoge productiviteit. In vergelijking met andere provincies zijn er weinig hoeken of stroken met lage opbrengst. Financiering voor agrarisch natuurbeheer vanuit de maatschappij blijft onmisbaar, omdat de opbrengstderving aanzienlijk is. LTO Noord wil middelen van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid hiervoor benutten, om zo de wensen van de maat-
schappij en de mogelijkheden van de agrarische sector aan elkaar te verbinden. De toekomst van natuur in Flevoland ligt niet in grootschalige aanleg van nieuwe gebieden, waarbij het agrarisch gebied wordt doorsneden en versnipperd. Behoud van schaalgrootte is van groot belang: in een groot en robuust agrarisch gebied kunnen zowel dienstverleners (bijvoorbeeld agrarisch loonwerk) als verwerkers efficiënt werken. Voor de natuur is veel winst te boeken door van natuurwaarden binnen het agrarisch gebied en door verbinding met bermen en omliggende natuurgebieden. Wij zijn voorstander van een open en eerlijke dialoog om met alle betrokkenen in Flevoland tot praktische en betaalbare oplossingen te komen.
Veilig en verantwoord werken In de land- en tuinbouw werken veel mensen, met grote betrokkenheid en vaak met inzet van heel veel energie en tijd. Dit geldt vooral voor gezinsbedrijven, die nog steeds de kern vormen van de sector. LTO Noord streeft ernaar dat op deze bedrijven een goede boterham kan worden verdiend, op een manier die ook verantwoord is voor de gezondheid en het sociale leven van het boerengezin. Werkweken van 80 uur komen voor, maar zijn niet structureel vol te houden. Technologische ontwikkeling maakt het mogelijk om de arbeid te verlichten, zoals de melkrobot. Dit vergt echter wel een investering en een voldoende omvang om de investering terug te verdienen. Daarnaast worden steeds meer agrarische ondernemers ook werkgever. Vooral in de tuinbouwsectoren is veel personeel nodig en ook in de fruitteelt en bij biologische bedrijven. In pieken met grote arbeidsbehoefte wordt veel gebruik gemaakt van werknemers uit het buitenland. LTO Noord zet zich in voor goede werkomstandigheden en huisvesting voor tijdelijke werknemers.
Ook voor onze omgeving willen we veilig en verantwoord bezig zijn. Daarom besteden we in toenemende mate aandacht aan verkeersveiligheid. Wij hebben hierbij een bijzondere rol, omdat we met heel andere voertuigen de weg op gaan dan de gemiddelde weggebruiker. Het agrarische machinepark is in Flevoland over het algemeen in goede conditie. Het komt er nu op aan dat iedereen de juiste afstelling, borden en verlichting ook daadwerkelijk gebruikt. Daarnaast is wederzijds begrip tussen agrariërs en niet-agrariërs en duidelijkheid over regelgeving essentieel. LTO Noord werkt actief aan verbetering van de verkeersveiligheid. De acties die we samen met overheden en politie hebben ingezet, willen we in de komende jaren voortzetten.
www.ltonoord.nl
Ondernemen in Flevoland
LTO Noord
Visie van LTO Noord op de land- en tuinbouw in Flevoland
Postbus 240
Tekst:
Jasper van der Horst (LTO Noord)
8000 AE Zwolle
Fotografie:
Annemarie Hoogwoud Fotografie
www.ltonoord.nl
Vormgeving:
Age Posset (Nieuwe Oogst)
december 2012